Zwin College: In vijftig minuten een succeservaring én betere aansluiting op het vo

27 juni 2022

Het Zwin College in Oostburg bundelt de krachten met alle basisscholen in West-Zeeuws-Vlaanderen. Wat begon met gastlessen voor achtstegroepers, krijgt een vervolg in een structurele samenwerking om po en vo beter op elkaar te laten aansluiten.

Paul Blomme (l), Carlos de Smit (m), Anita te Booij (r).Vergrijzing en ontgroening

Van een kleine klas op de basisschool naar ‘de grote school’ waar zo’n achthonderd leerlingen rondlopen … Voor leerlingen uit groep acht is het nogal een stap. Het Zwin College dacht na over mogelijkheden om de drempel voor hen te verlagen. Een succesvolle pilot krijgt dit schooljaar (2019-2020) een vervolg. Om uit te leggen hoe het idee voor de gastlessen ontstond, schetst Carlos de Smit, decaan havo/vwo en docent maatschappijleer, hoe het Zwin College als scholengemeenschap een regionale functie vervult. In tien jaar tijd daalde het aantal leerlingen van 1150 naar 800. Veel basisscholen in kleinere dorpen fuseerden en de vergrijzing en ontgroening in het zuidelijkste deel van de provincie Zeeland neemt toe. “Sjaak Flikweert, docent wiskunde op onze school, opperde dat we de banden met de basisscholen moesten versterken”, vertelt Carlos. “Dat idee hebben we samen uitgewerkt en voorgelegd aan de directie en overkoepelende besturen van de basisscholen. Zij gaven toestemming voor een pilot bestaande uit vier gastlessen voor de achtstegroepers van twee basisscholen.”

Minder zenuwachtig

De leerlingen uit groep acht kwamen van maart tot en met mei 2019 vier woensdagochtenden naar het Zwin College. Carlos: “Ze kregen twee uur les van hun eigen leerkracht en volgden daarnaast een gastles bij één van onze leraren.” Docent geschiedenis Paul Blomme was er één van. Hij ziet veel overeenkomsten tussen achtstegroepers en leerlingen uit de brugklas. “Ze kijken net als de brugklassers eerst de kat uit de boom”, zegt hij. “Dat is logisch, want ze zijn op onze school ineens weer de jongsten. Zo’n gastles helpt vooral om ze enthousiast te maken zodat ze straks minder zenuwachtig aan de rest van hun schoolcarrière beginnen.”

Succeservaring

Dankzij de gastlessen ontdekken de leerlingen hoe het systeem van vijftig minuten les werkt en leren ze ook het gebouw, de lokalen en de leraren kennen. Docent Anita te Booij geeft kookles en merkt dat je deze jonge leerlingen zo in vijftig minuten een succeservaring kunt meegeven. “Als het gerechtje in de oven staat, hebben we even tijd om met elkaar te praten”, vertelt ze. “Leerlingen zeggen vaak dat ze het fijn vinden dat ze na de zomervakantie de weg weten, want ze zijn bang om te verdwalen in dit grote gebouw. Door alvast een paar lessen te volgen, voelen ze zich sneller thuis op onze school.” Zo levert de samenwerking tussen het Zwin College en de basisscholen de (potentiële) nieuwe brugklassers veel op. Maar ook voor de leraren van de basisscholen is de samenwerking leerzaam. Anita: “Zij zien immers ook hoe het werkt op onze school en nemen die kennis en ervaring mee terug naar hun basisschool.”

Meer samenwerking

“Voor de pilot waren we eigenlijk ‘vreemden’ voor elkaar en sinds de pilot zijn we collega’s”, aldus Carlos. “Tijdens de evaluatie was iedereen zo positief dat we besloten te kijken hoe we de samenwerking kunnen uitbreiden.” Ruim 160 achtstegroepers van elf bassischolen maken in het vervolg op de pilot tijdens schooljaar 2019-2020 in ieder geval kennis met het Zwin College. Maar daar blijft het niet bij. Het Zwin College gaat op regelmatige basis met alle basisscholen en de koepelorganisaties om de tafel zitten. “We streven naar een betere aansluiting tussen basisonderwijs en voortgezet onderwijs. Zo zorgen we er met elkaar voor dat leerlingen op een passend niveau in het voortgezet onderwijs starten.”

Betere aansluiting

Om kennis en ervaring over didactiek met elkaar te delen, gaan de brugklasmentoren van het Zwin College een aantal basisscholen bezoeken. “Het doel daarvan is om te kijken of we de didactische aanpak van het primair en voortgezet onderwijs beter op elkaar kunnen afstemmen”, zegt Carlos. “We hopen zo de basis te leggen voor de ontwikkeling van doorlopende leerlijnen tussen het basis- en voortgezet onderwijs.” Door samen te werken, kunnen de basisscholen en het Zwin College beter anticiperen op de behoeftes van de leerlingen. Carlos wijst daarbij op de theorie van Maria Evangelou en dit onderzoek onder scholen in het Verenigd Koninkrijk waarin succes- en risicofactoren in de overgang van po naar vo worden verkend.

Onderling vertrouwen

Heeft de decaan nog tips voor andere scholen die willen samenwerken? “Bedenk dat je tal van praktische zaken moet regelen. Welke financiële middelen zijn er? Is busvervoer van basisschool naar middelbare school nodig? En je moet lokalen vrijhouden en leraren inroosteren. Nog zoiets: op sommige basisscholen zijn er combinatieklassen. Hoe doe je dat dan als de leerkracht meegaat met groep 8? Dat zijn allemaal factoren om rekening mee te houden.” Maar het allerbelangrijkste is volgens Carlos het onderlinge vertrouwen. “Je ontwikkelt iets nieuws en kent elkaar nog niet goed. Maar als je beseft dat je het voor de leerlingen doet en dat doel steeds voor ogen houdt, dan kun je met elkaar heel veel bereiken!”