Onvoldoende zicht op asbest in schoolgebouwen
Scholen lijken nog onvoldoende zicht te hebben op mogelijke aanwezigheid van asbest in hun schoolgebouwen. Dat blijkt uit een gezamenlijk onderzoek van de PO-Raad en de VO-raad. De raden roepen leden op om te zorgen voor volledig inzicht in de situatie. Schoolbesturen en gemeenten moeten daarbij nauw samenwerken.
Begin jaren negentig toen het gebruik van asbest verboden werd, hebben gemeenten asbestinventarisaties laten uitvoeren. Uit het onderzoek blijkt nu dat 52% van de middelbare scholen geen of geen volledige asbestinventarisatie heeft voor al hun locaties. Wel wordt bij het opstellen van periodieke onderhoudsplanningen en risico-inventarisaties en –evaluaties standaard gekeken naar de aanwezigheid van asbest. Omdat dit visuele controles zijn, geeft dat echter niet een volledig beeld van de situatie.
De Gezondheidsraad heeft vorig jaar opnieuw gekeken naar de gevaren van asbest. Daarbij kwam de raad tot het advies om de blootstellingsgrenzen van asbest te verlagen. Om te bepalen of er zich gevaarlijke situaties kunnen voordoen voor de gezondheid van leerlingen en leraren moeten scholen weten of er asbest in het gebouw zit. Bij grote onderhoudswerkzaamheden zit dit standaard in de procedure van vergunningverlening, maar ook bij klein onderhoud moet de school bewust zijn van de potentiële risico’s. Bij 25% van de middelbare scholen die wel zijn onderzocht op asbest bleek er een direct gevaar voor de gezondheid.
Het televisieprogramma Zembla besteedde op zaterdag 15 januari aandacht aan de gevaren van asbest en de situatie in Nederland. Daarbij worden de schoolgebouwen als voorbeeld gebruikt.
Vragen?
Mail de Helpdesk>>
De VO-raad is de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs