X
De VO-raad is de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs
Inloggen voor leden
Home > Nieuws

Scholen vrezen toename vmbo’ers zonder diploma

23 april 2009

Het voortgezet onderwijs onderschrijft de doelstelling om het niveau van de basisvakken taal en rekenen te verhogen volledig. Alle vmbo-leerlingen moeten zonder problemen kunnen doorstromen naar havo of mbo. Dat betekent dat de samenleving eisen mag stellen aan het vmbo-onderwijs. Scholen maken zich echter wel zorgen over de nadelige gevolgen van het aanscherpen van de examenregels in het vmbo.

Als de vmbo-adviezen van de Onderwijsraad worden uitgevoerd, zakken meer leerlingen voor het eindexamen en neemt voortijdig schoolverlaten toe. Dat voorspellen scholen naar aanleiding van het adviesrapport ‘Examens in het vmbo‘ van de Onderwijsraad over aanvullende exameneisen om het taal- en rekenniveau te verbeteren.

De VO-raad pleit er daarom voor om de verblijfsduur in het vmbo te verruimen als de exameneisen aangescherpt worden. Hierdoor zullen meer leerlingen het vmbo
succesvol afronden en bovendien een betere kans van slagen hebben in het mbo. Ook moeten vmbo-scholen de mogelijkheid krijgen om leerlingen op te leiden tot minimaal een startkwalificatie (mbo2-niveau). De VO-raad zal de Tweede Kamer hierover nog schriftelijk informeren in aanloop naar de bespreking van het advies in de Kamer.

Het is goed dat wiskunde niet in de zak-slaagregeling is meegenomen en dat rekenen geborgd wordt met een toets. Gelukkig maakt de onderwijsraad onderscheid tussen de basis-/kaderberoepsgerichte leerweg (bb/kb) en de gemengde/theoretische leerweg (gl/tl). Ook meer aandacht voor overdracht naar het vervolgonderwijs is een goede ontwikkeling. Maar een diplomasupplement is niet het juiste middel. Het huidige portfolio voldoet.

Maatregelen stapelen zich op
De adviezen van de Onderwijsraad staan niet op zich. De nadelige maatregelen voor het vmbo-examen stapelen zich op:

  • In de bb tellen SE en CE nu voor tweederde en eenderde mee voor het eindcijfer.
    Dit wordt 50%-50%.
  • Het minimale gemiddelde eindexamencijfer wordt 5,5 gemiddeld (afgerond 6).
  • Maximaal één 5 als eindcijfer voor Nederlands en Engels in gl/tl , één 5 voor Nederlands en het beroepsgerichte programma in bb/kb.
  • Onvoldoendes kunnen minder gecompenseerd worden.

Door deze maatregelen zullen meer leerlingen zakken voor het eindexamen. Nu zakt ongeveer 5% van de leerlingen. Gevreesd wordt dat dit kan oplopen tot 20%. Dit baart de scholen grote zorgen. Juist bij de overgang van het vmbo naar het mbo is de tussentijdse uitval groot. Als er meer leerlingen zakken, zal de uitval stijgen. Dat staat haaks op de doelstelling om het voortijdig schoolverlaten terug te dringen.

Taal en rekenen
Het is verbazingwekkend dat de Onderwijsraad hogere exameneisen wil stellen aan het beroepsgerichte programma (de norm van maximaal één vijf en één zes in de bb/kb leerweg). Het beroepsgerichte programma bestaat uit stages en praktische vakken zoals timmeren. Taal en rekenen zijn geen onderdeel van het beroepsgerichte programma. Door de exameneisen van dit programma aan te scherpen, verbetert het taal- en rekenniveau niet.

De Onderwijsraad wil rekenen borgen in het tweede leerjaar van het vmbo en eventueel in het vierde leerjaar. Maar voor bb-leerlingen is het nog onduidelijk of referentieniveau 2f haalbaar is. Dat moet eerst uitgezocht worden vóór uitvoering van het advies, anders worden leerlingen de dupe.

Diplomasupplement overbodig
De VO-raad ziet geen meerwaarde in een diplomasupplement. Scholen geven al een portfolio mee. Eventuele verbetering en het vaststellen van minimumeisen voor een goede overdracht kan de VO- en de MBO-sector het beste zelf afspreken en niet het College van Examens.

Extra gegevens kunnen aan het bestaande portfolio toegevoegd worden. Daarbij dient recht gedaan te worden aan maatwerk aan leerlingen en verschillend onderwijsaanbod in de regio. Bovendien is het Elektronisch Leerdossier in ontwikkeling, waarin alle gegevens over het portfolio én taal en rekenen geregistreerd kunnen worden.

De kans is reëel dat het supplement gebruikt gaat worden als extra toelatingseis naar het vervolgonderwijs. Daarnaast mag een diploma en supplement niet gebruikt worden om individuele leerlingen te vergelijken met landelijke of internationale gemiddelden.

Het diploma is het bewijs dat de leerling het vereiste niveau voor het vervolgonderwijs heeft behaald. Er blijven altijd leerlingen die beter of slechter scoren dan het gemiddelde, maar geslaagd betekent dat het afgesproken niveau is gehaald en dat is wat telt. Een supplement voegt daar niets aan toe.

De adviezen van de Onderwijsraad

  • Een standaard diplomasupplement om de overstap van leerlingen naar het vervolgonderwijs (mbo dan wel havo) te verbeteren.
  • Maximaal één 5 als eindcijfer voor de basisvakken zoals in het havo/vwo. Dit betekent voor de tl/gl minmaal één 5 en een 6 voor de vakken Nederlands en Engels en in de bb/kb één 5 en een 6 voor Nederlands en het beroepsgerichte programma.
  • Rekenen borgen buiten de zak-slaagregeling met een toets aan het einde van het tweede leerjaar.
  • Gefaseerde lerende invoering: eerst invoering van het diplomasupplement en daarna het advies over rekenen en de eindcijfers voor de basisvakken en het beroepsgerichte programma.

Meer informatie
Suzanne Verstraelen (vmbo)
Charlotte à Campo (examens)

Wat is er nog meer verschenen over:

Examens