Tweede Kamer steunt educatieve minor
Staatssecretaris Marja van Bijsterveldt kan de educatieve minor verder invoeren. De Kamercommissie onderwijs steunt haar plan om universitaire bachelorstudenten met een educatieve minor onderwijsbevoegdheid te verlenen. Dit betekent dat studenten al volgend collegejaar de ‘smalle tweedegraads’ bevoegdheid binnen een jaar kunnen halen.
De bevoegdheid geldt voor vmbo-tl en de eerste drie leerjaren van havo en vwo. Het wetgevingstraject wordt pas in de loop van volgend jaar afgerond. In het debat verzocht de Kamer de staatssecretaris om voldoende aandacht te besteden aan de borging van de kwaliteit.
Van Bijsterveldt benadrukte de rol van de NVAO. Die moet beoordelen of de bacheloropleidingen en de educatieve minoren aan de eisen voldoen, maar ook of de universiteiten voldoende zijn toegerust. Om de kwaliteit verder te waarborgen wil de staatsecretaris:
- de optie dat komend jaar slechts universiteiten die al een educatieve opleiding hebben educatieve minoren mogen aanbieden. De andere universiteiten volgen later.
- dat slechts ‘ de klassieke kerndisciplines in combinatie met een minor leiden tot een bevoegdheid voor een schoolvak’. Dus wel de bachelor Frans + minor = leraar Frans, maar niet bachelor communicatiewetenschappen + minor = leraar Nederlands.
- dat studenten zowel het theoretische als praktische deel van de minor met goed gevolg afsluiten.
- een stevige inductieperiode gedurende de eerste fase van het leraarschap.
Doorstroming naar eerstegraads
De kamer legde nadruk op voldoende maatregelen om de afgestudeerde bachelors te stimuleren tot het behalen van een eerstegraads bevoegdheid. Het gaat tenslotte om meer academici in het VO.
Van Bijsterveldt legt hierbij een grote verantwoordelijkheid bij de universiteiten die meer deeltijdopleidingen en duale gecombineerde vakmaster- en educatieve mastertrajecten moeten gaan ontwikkelen. Een met goed gevolg afgesloten minor vermindert zo via ‘elders verworven competenties’ de studielast.
Ook de VO-sector krijgt een belangrijke rol bij de doorstroming naar de eerstegraads. In het kader van het convenant Leerkracht worden eerstegraders veelal hoger ingeschaald dan tweedegraads.
Scholen kunnen bachelors een duale masteropleiding laten volgen en deze opleiding ook verplichten. Bijvoorbeeld door pas een vaste aanstelling te geven op het moment dat de eerstegraads is behaald. Voor de opleiding kan de lerarenbeurs gebruikt worden.
Extra geld
In het debat gaf de staatssecretaris aan extra financiële middelen beschikbaar te stellen voor de ontwikkeling (2,5 miljoen euro) en de invoering (3 tot 4 miljoen euro) van de educatieve minor. Tevens tellen de minorstudenten mee voor de studentenaantallen van de erkende opleidingsscholen, waardoor er ook structureel geld voor de minor beschikbaar is. Gezien de belangstelling onder bachelorstudenten voor de minor (25%) is dit van groot belang.
Meer informatie
Liesbeth Augustijn
- Meer nieuwsberichten
- 23-05
APS zoekt met spoed scholen voor project Veiligheid en Zorg - 23-05
Procedure controversieel verklaren opnieuw uitgesteld - 23-05
Mijn ID-campagne voor seksuele diversiteit binnenkort van start - 21-05
Programma van Eisen Frisse Scholen vernieuwd - 16-05
Experimenten prestatiebeloning van de baan
De VO-raad is de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs