WGA-lasten verhalen op werknemer
Vanwege de gezamenlijke verantwoordelijkheid en de premie-ontwikkeling raadt de VO-raad werkgevers aan een deel van de WGA-lasten te verhalen op de werknemer. Tot nu toe is gebleken dat dit nog weinig gebeurt, mede door de hoogte van de WGA-lasten in relatie tot de administratieve lasten.
De wetgever geeft de werkgever de mogelijkheid maximaal 50% van de WGA-lasten te verhalen op de werknemer. Dit voorkomt dat de kosten van de arbeidsongeschiktheid onevenredig ten laste van de werkgever komen. Ook stimuleert verhalen het kostenbewustzijn bij de werknemer.
De verhaalmogelijkheid geldt voor alle werkgevers, ongeacht of zij de WGA door UWV laten uitvoeren of eigenrisicodrager zijn en het risico al dan niet herverzekeren bij een particuliere verzekeraar.
Verhaalpercentage
De individuele werkgever bepaalt of er tot verhaal wordt overgegaan. Op basis van artikel 13.3 van de CAO-VO 2008-2010 kan de werkgever – als de premie uitstijgt boven de 0,29% – 50% van het meerdere op de werknemer verhalen. Tot 0,29% komt de WGA-premie geheel voor rekening van de werkgever. De VO-raad adviseert werkgevers om de rentehobbel bij de berekening buiten beschouwing te laten.
De rentehobbel
De rentehobbel speelt een rol bij de berekening van de premie. Een werkgever kan de WGA laten uitvoeren door UWV of eigenrisicodrager worden. Een eigenrisicodrager betaalt geen gedifferentieerde WGA-premie aan de belastingdienst, maar betaalt zelf de WGA-uitkering van zijn werknemers.
De gedifferentieerde WGA-premie is berekend op basis van een gemiddelde lastendekking. Werkgevers betalen een vaste opslag (de rentehobbel) om het verschil tussen de premie van UWV en particuliere verzekeraars gelijk te trekken. De premie van een particuliere verzekering is in de eerste jaren namelijk hoger dan de gedifferentieerde WGA-premie. De opslag blijft tot 2012 bestaan.
Rekenvoorbeeld
Stel: de totale WGA-premie bedraagt 0,80%. We laten hierbij de rentehobbel (voor 2010: 0,12%) buiten beschouwing. Voor verhaal blijft dan over: 0,80% - 0,12% = 0,68%.
Conform artikel 13.3 van de CAO-VO 2009-2010 is de werkgever in dit voorbeeld gerechtigd om 50% van het meerdere op de werknemer te verhalen.
Dus: 0,68% - 0,29% = 0,39% is het meerdere. Hiervan is de werkgever gerechtigd om 50% op de werknemer te verhalen: 0,39% / 2 = 0,195%.
Meer informatie
Petra Boerdijk
Wat is er nog meer verschenen over:
- Meer nieuwsberichten
- 23-05
APS zoekt met spoed scholen voor project Veiligheid en Zorg - 23-05
Procedure controversieel verklaren opnieuw uitgesteld - 23-05
Mijn ID-campagne voor seksuele diversiteit binnenkort van start - 21-05
Programma van Eisen Frisse Scholen vernieuwd - 16-05
Experimenten prestatiebeloning van de baan
De VO-raad is de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs