Werkgever mag uitspraak Commissie van Beroep negeren
21 december 2011
Op 19 juli 2011 heeft het Hof Amsterdam zich wederom uitgesproken over de vraag of de Commissie van Beroep bevoegd is tot het vernietigen van een ontslagbesluit. Hoewel deze zaak het primair onderwijs betrof is de uitspraak ook interessant voor het voortgezet onderwijs.
In de betreffende zaak was een werkneemster, werkzaam als docent in het primair onderwijs, ontslagen. Zij stelde tegen dit ontslagbesluit beroep in bij de Commissie van Beroep. De Commissie van Beroep verklaarde het beroep gegrond.
Hierop handhaaft de werkgever het ontslagbesluit, omdat de werkgever van mening is dat hij niet gebonden is aan de uitspraak van de Commissie. De werkneemster wijst op artikel 60 lid 3 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 12 van de CAO-PO dat zich op het standpunt stelt dat het ontslagbesluit nietig is. In deze artikelen staat immers dat het bevoegd gezag zich onderwerpt aan de uitspraak van de commissie.
Het hof geeft de werkgever gelijk. Het advies van de Commissie kan niet worden aangemerkt als een bindend advies, tenzij dit ondubbelzinnig tussen partijen overeen is gekomen. Dit was niet het geval. Het betreffende artikel in de Wpo is geen dwingende wetsbepaling, en slechts een bekostigingsvoorwaarde. Voorts kennen we volgens het hof een gesloten stelsel van beëindigingsmogelijkheden van de arbeidsovereenkomst. De Commissie heeft daarbinnen geen wettelijke bevoegdheid gekregen.
Volgens het hof was het ontslagbesluit wel kennelijk onredelijk. Bij zijn overwegingen hiertoe hecht het hof waarde aan de bevindingen van de Commissie van Beroep. Aan werkneemster zal dus een schadevergoeding moeten worden betaald.
Deze uitspraak ligt in lijn met een uitspraak van het Hof Amsterdam van 12 oktober 2010. Daarin kwam aan de orde welke waarde gehecht mag worden aan uitspraken van de Commissie van Beroep voor het voortgezet onderwijs. Ook hier kwam het Hof tot het oordeel dat een beslissing van de Commissie vanwege het gesloten ontslagstelsel niet tot gevolg kan hebben dat een gegeven ontslag nietig is. Evenals in het PO, staat in artikel 52, derde lid, van de Wet op het Voortgezet Onderwijs dat het bevoegd gezag zich onderwerpt aan de uitspraak van de Commissie. Dit wordt herhaald in artikel 19, vierde lid, van de CAO VO 2011-2012.
Blijkens de uitspraak van het Hof kan de werkgever zich echter op het standpunt stellen dat hij na een onwelgevallige uitspraak van de Commissie een ontslagen werknemer niet weer in dienst heeft. De werkgever mag een oordeel van de Commissie dat een beroep van een werknemer tegen een ontslagbesluit gegrond is, naast zich neerleggen.
De VO-raad is de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs