Commissie Onderwijstijd
VO-raad: rapport mist onderbouwing 1000 urennorm
De VO-raad is teleurgesteld over het feit dat in het rapport een onderbouwing van de 1000 uur in de bovenbouw ontbreekt. Voor zowel scholen als ouders mopet er een heldere norm zijn. Het is echter verbazend dat de commissie één norm voor onder- en bovenbouw voorstelt van 1000 uur. Scholen zijn met name teleurgesteld over de norm van 1000 uur in de bovenbouw. Deze is niet haalbaar en blijkt ook internationaal gezien aan de hoge kant. De administratieve last voor scholen vermindert wel, doordat de onderwijstijd op groepsniveau wordt bekeken.
Scholen positief over verantwoording naar ouders en leerlingen
Scholen zijn positief over het voorstel van de Commissie om zich over de urennorm te verantwoorden naar ouders en leerlingen. De verantwoordelijkheid voor goed en uitdagend onderwijs hoort bij de scholen thuis. Daarover gaan ze graag het gesprek aan met ouders en leerlingen. Scholen moeten daarvoor wel de ruimte hebben. Beperkingen vormen vooral de budgettaire ruimte (materiële bekostiging) en de discussie rond contacttijd van 750 klokuren voor docenten. De hoge norm van 1000 uur kan de ruimte voor overleg met ouders en leerlingen over de invulling beperken.
VO-raad wijst op zorgpunten rapport
De Commissie werd in haar opdracht beperkt, doordat het voorstel moest passen binnen de huidige bekostiging en geen afbreuk mocht doen aan het inhoudelijke onderwijsaanbod. In het rapport wordt ook opgemerkt dat een smaller vakkenaanbod het beter mogelijk zou maken om de onderwijstijd te realiseren. Zo’n inperking van de keuzevrijheid voor leerlingen mag echter niet het uitgangspunt zijn voor het realiseren van de norm. Een misser is dat in het rapport uitgegaan wordt van gerealiseerde onderwijstijd, terwijl niets gezegd wordt over ziekteverzuim. Dit ligt landelijk op ongeveer 5%, terwijl de bekostiging voor vervanging slechts 2% is.
Commissie: vertrouwen in docent, leerling en ouder
Positief is tenslotte dat de commissie uitgaat van vertrouwen in docenten, leerlingen, ouders en het bevoegd gezag. Tot nog toe was er een sfeer van wantrouwen en uurtjes tellen. In dit rapport klinkt die toon niet meer door.
Het onderzoek stond onder leiding van Clemens Cornielje, Commissaris van de Koningin in Gelderland. De samenstelling van de onderzoekscommissie was als volgt:
- Geri Bonhof (voorzitter College van Bestuur Hogeschool Utrecht)
- Hans Borstlap (lid Raad van State)
- Kars Veling (rector van het Johan de Witt College in Den Haag)
- Marc Vermeulen (hoogleraar onderwijssociologie Universiteit Tilburg/Open Universiteit)
De VO-raad is de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs