SGP
1 juni 2010
De Staatkundig Gereformeerde Partij ziet onderwijs als een onmisbaar voorrecht dat jongeren helpt op eigen benen te gaan staan en hun weg door het leven te gaan. De SGP gelooft dat onderwijs goed is wanneer het gericht is op een leven zoals dat in de Bijbel wordt geleerd. Daarom wenst de partij iedere leerling een school met de Bijbel toe. Volgens de doorberekening van het CPB zet de SGP niet extra in op onderwijs.
Voorstellen
-
op de vrijheid van onderwijs mag niet beknibbeld worden;
-
scholen behouden de ruimte om van (de ouders van) leerlingen en van personeelsleden te vragen om de grondslag van de school te onderschrijven;
-
de wettelijke bevoegdheden voor de onderwijsinspectie worden versoberd;
-
onderdelen van kerndoelen die op gespannen voet staan met de didactische vrijheid van scholen worden geschrapt;
-
dragen van gezichtsbedekkende kleding in het onderwijs is niet toegestaan;
-
de verplichting om afzonderlijke burgerschapsvorming te geven moet worden afgeschaft. Een normale school doet vanzelfsprekend aan burgerschapsvorming;
-
scholen maken leerlingen bewust van hun maatschappelijke verantwoordelijkheid. Zij kiezen hiervoor zelf hun middelen, bijvoorbeeld een maatschappelijke stage;
-
de omvang van de gymopleiding wordt beperkt;
-
scholen focussen op onderwijs. Neventaken als buitenschoolse opvang worden afgestoten;
-
samenwerkingsverbanden moeten voor hun zorgleerlingen in een goed onderwijsaanbod voorzien;
-
het moet duidelijk zijn welke zorg de afzonderlijke scholen minimaal bieden;
-
de indicatiestelling voor zorgleerlingen moet geflexibiliseerd worden. Het gaat meer om de zorgbehoefte in de school dan om een officieel label voor een kind;
-
geen nieuwe voorzieningen voor medezeggenschap optuigen;
-
de komende jaren moet worden geïnvesteerd in de vakbekwaamheid van leraren;
-
scholen moeten, op hun eigen manier, aandacht besteden aan media-educatie;
-
tussen voortgezet en hoger onderwijs worden afspraken gemaakt over het minimumniveau van taal- en rekenvaardigheid. Een verplichte taal- of rekentoets kan als overgangsmaatregel dienen;
-
onderwijsprogramma’s waarin voorbereidend en middelbaar beroepsonderwijs samenwerken moeten verder worden gestimuleerd;
-
voldoende loopbaanbegeleiding;
-
de behoefte aan nieuwe leraren mag niet leiden tot een daling van de bekwaamheid en status van leraren. De educatieve minor mag geen structurele bevoegdheid zijn. Leraren moeten binnen vijf jaar een educatieve master behalen.
Bezuinigingen en investeringen in detail (bron: CPB)
De SGP intensiveert 2,4 mld euro op onderwijs en buigt 2,7 mld euro om. Per saldo komt dit
neer op een netto bezuiniging van 0,3 mld euro. De SGP intensiveert met name in de verbetering van salarissen van docenten (0,3 mld euro) en in prestatiebeloning (0,2 mld euro) en extra scholing (0,3 mld euro) voor docenten.
Daarnaast wil de partij meer maatwerk en begeleiding in het beroepsonderwijs (0,4 mld euro)
en wil zij voortijdig schoolverlaten aanpakken (0,2 mld euro). De belangrijkste ombuigingen op
het terrein van onderwijs betreffen een toepassing van een efficiencykorting (1,1 mld euro) en
het terugdraaien van de klassenverkleining (0,7 mld euro).
De VO-raad is de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs