Activiteiten om talenten beter te benutten
11 januari 2012
Ruimte voor ieders talent: wat betekent dit op schoolniveau? Hoe kunnen scholen hiermee aan de slag? De mogelijke ontwikkelingsactiviteiten op sectorniveau moeten aansluiten bij de wijze waarop de scholen zelf werken aan talentontwikkeling. Het huidige onderwijsaanbod is nog veelal gericht op ‘het gemiddelde’ van de klas. Om talenten beter te benutten is maatwerk noodzakelijk.
Scholen moeten kunnen variëren in groepsvormen om daarmee het onderwijsaanbod te kunnen differentiëren en meer aan te sluiten bij de verschillende leerstijlen van de leerlingen. Om de leerling een meer op de individuele behoefte toegesneden onderwijsaanbod te bieden, heeft het vaststellen van het niveau en de mogelijkheden van de leerlingen extra aandacht nodig.
De ontwikkelingsactiviteiten die het voortgezet onderwijs in dit kader willen ontplooien, zijn:
- Met basis- en vervolgonderwijs de doorlopende leerweg van leerlingen monitoren (instroom, doorstroom en uitstroom);
- Verder intensiveren van de contacten met het basis- en vervolgonderwijs met als doel de overgang te versoepelen en cyclisch te evalueren en de doorlopende leerlijn te verbeteren;
- Meer gebruik maken van digitale volg- en feedbacksystemen waarbij ook gedragsindicatoren gevolgd worden en specifieke lesstof kan worden aangereikt op grond van deficiënties;
- Ontwikkelen en aanbieden van deficiëntieprogramma’s;
- Organiseren en aanbieden van huiswerkbegeleiding op vrijwillige basis en op verwijzing van docenten;
- Ontwikkelen van mogelijkheden om het leerstofjaarklassensysteem niet als vanzelfsprekend en enig organisatorisch kader te hanteren;
- Meer variëteit aanbrengen in de groepssamenstelling;
- Meer maatwerk in werkvormen, waaronder ‘peer tutoring’;
- Extra aandacht voor de ontwikkeling van (digitaal) lesmateriaal voor betere aansluiting op verschillende leerstijlen en beheersingniveaus;
- Aanbieden van verdiepingsmateriaal en extra ontwikkelingsmogelijkheden voor leerlingen die meer kunnen;
- Leerlingen uit de voor-eindexamenklassen en de examenklassen, die meer aankunnen dan de groep, in de gelegenheid stellen om modules te volgen bij de door hen gewenste vervolgopleiding. Dit bevordert de oriëntatie op de beoogde vervolgopleiding en draagt tevens bij aan het studierendement in het vervolgonderwijs;
- Leerlingen die gezakt zijn in de gelegenheid stellen om een gemengde leerweg VO-vervolgonderwijs te volgen. Zij kunnen zowel de VO-vakken volgen die zij nodig hebben voor hun diploma, als een deelprogramma van de gewenste vervolgopleiding.
Bovenstaande maatregelen zijn in versnellingssessies met betrokkenen bij het voortgezet onderwijs getoetst op haalbaarheid en effectiviteit. Deelnemers aan deze sessies ondersteunden vrijwel alle hierboven genoemde maatregelen. Ze waren echter minder uitgesproken over het loslaten van het leerstofjaarklassensysteem; niet iedereen is ervan overtuigd dat dit bijdraagt aan talentontwikkeling.
De VO-raad is de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs