12 september 2016

Voor Arnoud Alting van Geusau, docent Engels op het Vathorst College, sluit de nieuwe wet onderwijstijd mooi aan op een toekomstbeeld waar de school al naartoe werkt. Jasmijn Kester, sinds 1 augustus 2015 rector van het Vathorst, ziet dat de school ‘onwijs ver’ is als het gaat om ruimte krijgen en nemen.

“We beschouwen de wetswijziging en het bijbehorende transitieplan als vliegwiel om onderwijsvernieuwing en werkdrukverlaging te laten samengaan. Bij ons onderwijsconcept hoort dat we werken in leerhuizen waar collega’s samenwerken met zo’n 120 leerlingen. Iedere docent maakt deel uit van een leerhuisteam, dat zelf verantwoordelijk is voor het onderwijs. En zeker in de onderbouw is ons onderwijs al sterk thematisch georganiseerd. Het transitieplan hebben we gelinkt aan onze ambities, onze visie en het daaruit voortvloeiend onderwijsconcept, vanuit de vraag naar welke ideale situatie we willen toegroeien, wat daarvoor nodig is, en hoe we de nieuwe wet daarin maximaal kunnen benutten”, zegt Kester.  

‘Het eigenaarschap voor onderwijs ligt hier bij docenten én leerlingen’

Eigen leermateriaal

“We geven ons onderwijs vanuit een platte organisatie al heel organisch vorm. Dat begint altijd bij de docent en de leerling. Zolang je werkt vanuit die visie en voldoet aan kerndoelen en eindtermen krijg je hier alle ruimte en de verantwoordelijkheid voor initiatief, ook vakoverstijgend. Vanuit anw en maatschappijleer hebben twee collega’s bijvoorbeeld een uitdagende inhoud bedacht waarbij leerlingen verschillende filosofen onderzoeken en debatteren over hun invloed op de mens en maatschappij van nu.”

Docenten maken zelf opdrachten, vertelt Alting van Geusau: “Die zijn zo flexibel en stapsgewijs opgebouwd dat leerlingen kunnen terugzien wat ze goed en minder goed doen en daarop kunnen inspelen. In onze opdrachten voor het aanstaande mondeling examen Engels kunnen leerlingen bijvoorbeeld zelf een aantal keuzes maken om hun sterke en zwakke punten te trainen en verzilveren. Dat we coachend lesgeven speelt daarbij een belangrijke rol. Eigenlijk spreken we iedere leerling wekelijks wel even over zijn of haar ontwikkelingsdoelen en de weg ernaartoe.”

Onderwijstijd vo mag201510 amersfoort 1

Leerlingen kiezen zelf hun mentor

“Het inspireert enorm dat juist ons zelfontwikkelde materiaal makkelijk geschikt gemaakt kan worden voor een persoonlijke, digitale leeromgeving, waarin leerling en docent rekening kunnen houden met leerstijlen en sterke en zwakke punten”, zegt Alting van Geusau. “De kansen die leerlingen dat biedt, geven mij de ambitie om daar dit jaar een extra stap in te zetten. Daar krijgen we ook de tijd voor. Zo ontstaat echt meer ruimte en onderwijs op maat, wat soms ook resulteert in minder lessen.”

Vathorst hanteert daarvoor al veel langer een eigentijdse definitie van onderwijstijd, vertelt Kester: “Leerlingen werken vaak in een digitale leeromgeving, ondernemen veel buitenschoolse activiteiten en collega’s werken met een pedagogisch en didactisch model als flipping the classroom. Het eigenaarschap voor onderwijs ligt hier bij docenten én leerlingen. Leerlingen kiezen bijvoorbeeld zelf hun mentor en iedere bovenbouwleerling heeft naast het basisrooster zogenoemde Vathorst-uren, die hij/zij zelf inplant en waarin ze hun onderwijs zelfstandig vormgeven.”

Onderwijstijd definiëren

Toch pakt het Vathorst College de nieuwe wet dit jaar aan om onderwijstijd opnieuw te definiëren, vertelt Kester: “Zeker in de bovenbouw kunnen we ons onderwijs voor leerling én docent nog meer op maat vormgeven. De nieuwe wet biedt daar alle ruimte voor. Het transitieplan doet me ook sterk denken aan de tekst op de Deventer Schouwburg: ‘Breek de lucht, raak de grens, open de tijd, en vind de mens’.”