Beeld ongemotiveerde leerling herkenbaar

16 april 2014

De VO-raad herkent zich in de constatering in het Onderwijsverslag 2012-2013 dat Nederlandse leerlingen onvoldoende gemotiveerd en actief betrokken zijn bij het onderwijs.

Dit was ook een belangrijke conclusie in de VO2020-tour die de VO-raad onlangs organiseerde met schoolleiders, bestuurders en docenten. De belangrijkste ontwikkeling die de sector heeft ingezet om het tij te keren, is naar een systeem waarin de structuur de talenten van leerlingen volgt en niet andersom.

Paul Rosenmöller, voorzitter van de VO-raad: “Als je het Onderwijsverslag zo leest valt op dat ons onderwijs goed is en dat we op veel terreinen vooruitgang boeken: er zijn weer minder zwakke en zeer zwakke scholen, we weten meer leerlingen binnenboord te houden en leraren zijn goed in pedagogische vaardigheden. Maar we worden ook bevestigd in onze constatering dat we naar meer eigentijds onderwijs toe moeten. Onderwijs dat beter aansluit bij de belevingswereld van jongeren en bij de maatschappij waarin zij straks terechtkomen.”  

De Inspectie constateert dat Nederlandse leerlingen goed presteren en tevreden zijn over hun onderwijs maar dat ze zich tegelijkertijd weinig gemotiveerd tonen om te leren. Wanneer een leraar zijn les afstemt op de ontwikkeling van leerlingen en goede feedback geeft, raken leerlingen ook beter gemotiveerd. De Inspectie denkt dat er een belangrijke rol weggelegd is voor schoolleiders om ontwikkelingen in het onderwijs in de klas te doen landen. Ook de VO-raad denkt dat er veel winst te behalen is op het vlak van maatwerk en differentiatie in de klas en onderschrijft het belang om te investeren in de voortdurende professionalisering van leraren, schoolleiders en bestuurders: die dragen in onderlinge samenhang bij aan beter onderwijs. Rosenmöller: “Wederom benadrukt dit Onderwijsverslag de centrale rol van de docent: die maakt het verschil. We moeten hen goed toerusten om aan de vraag naar meer maatwerk tegemoet te kunnen komen. Een goede, lerende schoolcultuur is daarbij cruciaal.”

Tegelijkertijd signaleren we ook dat het onderwijs nog gevangen zit in een systeem dat te weinig ruimte biedt voor een individuele benadering van de leerlingen. Als het aan de VO-raad ligt wordt ook het oordeel over de prestaties en de opbrengsten van het vo verbreed. In politiek en samenleving ligt de nadruk momenteel te veel op de cognitieve kant en op de cijfers. Rosenmöller: “Goed onderwijs is niet het hoogste diploma. Het is meer dan het leren van taal en rekenen en draait ook om het ontwikkelen van creativiteit, ondernemerschap en sociale vaardigheden. Als dat meer tot zijn recht komt en we talenten in de brede zin van het woord centraal kunnen stellen, zullen leerlingen ook meer gemotiveerd naar school komen.” 

De VO-raad verwacht dat er de komende tijd snel stappen gezet zullen worden. In het nieuwe toezichtkader van de Inspectie is er een betere balans tussen de waardering van de opbrengsten en de waardering van het onderwijsproces en er komt meer ruimte in regelgeving om maatwerk te bieden. Ook is ruimte voor maatwerk een centraal thema in de besprekingen over het sectorakkoord.

Download onderwijsverslag en uitgebreide reactie VO-raad

Download het Onderwijsverslag 2012-2013 'De staat van het onderwijs' via de website van de Onderwijsinspectie. Lees daarnaast ook de samenvatting van de VO-raad, inclusief uitgebreide reactie op het Onderwijsverslag.