Kritisch debat in Senaat over afschaffen fusietoets

10 juni 2020

Tijdens de behandeling op 9 juni 2020 in de Senaat van het wetsvoorstel om de fusietoets af te schaffen, stelden de fracties van de partijen die in de Tweede Kamer tegenstemden*, zich kritisch op.

Deze partijen noemen de afschaffing ‘een oplossing voor een niet-bestaand probleem’ en vrezen zonder fusietoets voor ‘zeer grote scholen’ of het verdwijnen van de ‘menselijke maat’. Dit was tijdens het debat ook een belangrijk kritiekpunt van Groep Otten.

Brief PO-Raad en VO-raad

Eerder stuurde de VO-raad, samen met de PO-Raad, een brief aan de Senaat om het belang van de afschaffing van de fusietoets nogmaals te benadrukken. In deze brief wordt benadrukt dat scholen tijdig moeten kunnen anticiperen op dalende leerlingaantallen om een divers en hoogwaardig aanbod in stand te kunnen houden. Samenwerking met andere scholen is hiervoor de oplossing. Het is van groot belang dat scholen hiervoor de noodzakelijke ruimte en mogelijkheden krijgen.

Motie Waddeneilanden

In antwoord op de zorgen in de Senaat onderstreepte de minister in zijn reactie dat de situatie nu heel anders is dan toen de wet werd ingevoerd, met name door de grote daling van het aantal leerlingen in het vo. Ook benadrukt hij dat met dit wetsvoorstel de fusie-effectrapportage (FER) en de positie van de MR versterkt worden. Slob gaf aan dat er sprake is van het afschaffen van de nationale toets in ruil voor het versterken van de besluitvorming op lokaal niveau. Een aantal partijen* vond dit te mager: ‘er blijft toch een vorm van toetsing op landelijk niveau nodig, alleen de MR is te beperkt.’ En: ‘Het probleem is eigenlijk dat dit wetsvoorstel geen mogelijkheid biedt voor differentiatie.’

De minister brak ook een lans voor een aanpassing voor de institutionele fusie vo en verwees daarbij naar de situatie van scholen op de Waddeneilanden die nu al onder de opheffingsnorm duiken. GroenLinks diende hierover een motie in om bij verwerping van het wetsvoorstel de overlapeis voor de Waddeneilanden per separaat wetsvoorstel aan de Kamer voor te stellen en als spoedvoorstel aan te merken. Slob stelde dat de motie overbodig is omdat dit immers al onderdeel is van het wetsvoorstel waarover werd gesproken.

Volgende week vindt de stemming plaats over het wetsvoorstel en aansluitend de motie van GroenLinks.

* PVV, GroenLinks, SP, PvdA, PvdD, DENK, FVD en Van Kooten-Arisse. Niet al deze partijen namen deel aan het debat of vertegenwoordigd in de Eerste Kamer.