VO-raad, bonden, LAKS, Landelijke ouderraad en PO-Raad uiten grote zorgen over rekentoets

19 januari 2015

De VO-raad, AOb, FvOv, CNV Onderwijs, LAKS, Landelijke Ouderraad en de PO-Raad hebben in een gezamenlijke brief aan de Tweede Kamer hun zorgen geuit over de positie en het gewicht van de rekentoets en de manier waarop de lat van de rekentoets stapsgewijs wordt verhoogd. De Kamer spreekt op 28 januari over de rekentoets in het voortgezet onderwijs. De kritiek van het onderwijsveld op de rekentoets kon rekenen op veel media-aandacht.

Voor de onderwijs- en ouderorganisaties zijn de voorstellen van de bewindspersonen van OCW over de rekentoets onaanvaardbaar. Zij pleiten er in hun brief aan de Tweede Kamer met kracht voor om de rekentoets niet in de zak-/slaagregeling op te nemen maar in het plusdocument, vast te houden aan de bestaande referentieniveaus als ijkpunten, en te zorgen voor een kwalitatief goede rekentoets waarmee het niveau van elke leerling ten opzichte van de referentieniveaus kan worden bepaald.

Maatregelen disproportioneel

Het onderwijsveld en de ouderorganisatie vinden met de bewindslieden dat het rekenonderwijs beter moet en beter kan en steunen de referentieniveaus vanwege het belang van doorlopende leerlijnen po-vo-mbo. De organisaties aanvaarden deze landelijke ijkpunten voor rekenen en daarmee een goed doorontwikkelde rekentoets die zichtbaar maakt waar leerlingen staan ten opzichte van deze ijkpunten.

Leerlingen mogen op geen enkele manier de dupe worden van overhaaste regelgeving, slechte toetsen en onderwijs dat nog niet overal op peil is. De organisaties vinden opname van de rekentoets in de zak/-slaagregeling disproportioneel: daar waar de referentieniveaus bedoeld zijn om doorlopende leerlijnen te bewerkstelligen, vormt de rekentoets nu vanwege het gewicht in de examinering een obstakel in de overgang naar het vervolgonderwijs.

Waar een leerling nu bijvoorbeeld een 4 voor economie kan compenseren, betekent een 4,5 op de rekentoets straks dat de leerling bij voorbaat gezakt is. Ook zien we dat voor toelating tot het vervolgonderwijs de resultaten op de rekentoets sterk bepalend zijn, ook voor vervolgopleidingen die niet ‘rekenrijk’ zijn. Daarmee krijgt rekenen een onevenredig groot gewicht en wordt het doorslaggevend voor de toekomstperspectieven van leerlingen.

Rekenrijke opleidingen

De organisaties willen in het plusdocument zichtbaar maken welk referentieniveau leerlingen beheersen. Rekenrijke vervolgopleidingen moeten eisen kunnen stellen aan de rekenvaardigheid bij de toelating.

Lees de brief over de rekentoets, die de VO-raad, AOb, FvOv, CNV Onderwijs, LAKS, Landelijke Ouderraad en de PO-Raad op 19 januari aan de Tweede Kamer hebben gestuurd.