Page 1 Copy 2 Created with Sketch.
Opleiding & professionalisering leraren
De bevoegdheid van leraren staat hoog op de agenda van besturen in het voortgezet onderwijs. Er is veel aandacht voor het verder en blijvend terugdringen van het aantal onbevoegd gegeven lessen. Schoolbesturen worden aangesproken op het voldoen aan de wettelijke benoembaarheidsvereisten voor leraren en het tegengaan van onbevoegd lesgeven.

Van besturen en scholen wordt verwacht dat zij – in het kader van hun strategisch personeelsbeleid – een compleet inzicht hebben in het aantal onbevoegd gegeven lessen, afspraken maken met leraren om de juiste bevoegdheid te halen en (meer) sturen op het aantal bevoegd gegeven lessen. Tegelijk zorgt het lerarentekort ervoor dat besturen en scholen niet altijd een bevoegde leraar voor de klas kunnen zetten.

In 2014 hebben het Kabinet-Rutte II en de VO-raad in het Sectorakkoord afgesproken dat alle lessen in het vo worden gegeven door daartoe bevoegde leraren. Uit de meest recente cijfers (februari 2017) blijkt dat nog 5,1% van de lessen in de sector onbevoegd wordt gegeven. Hiermee is het doel van 100% bevoegd gegeven lessen dichterbij dan eerst werd aangenomen. Tegelijkertijd onderstrepen deze cijfers de noodzaak om werk te blijven maken van het verder terugdringen van onbevoegd gegeven lessen.

Om die ambitie kracht bij te zetten, stuurde staatssecretaris Dekker in februari 2016 een plan van aanpak aan de Tweede Kamer. Dit plan is het resultaat van uitgebreid overleg met de VO-raad, de Onderwijscoöperatie, Vereniging Hogescholen en de VSNU. De VO-raad ondersteunt het plan van aanpak om het aantal onbevoegd gegeven lessen verder terug te dringen. Het plan en de analyse van het bevoegdheidsvraagstuk die daaraan ten grondslag ligt, onderkennen de complexiteit en context waarbinnen naar oplossingen moet worden gezocht om het aantal bevoegd gegeven lessen te verhogen. Bovendien erkent het plan dat het terugdringen van onbevoegd lesgeven een gezamenlijke inspanning vraagt van het ministerie, leraren, lerarenopleidingen, schoolleiders en besturen.

Tegelijkertijd vindt de VO-raad dat – zeker op de langere termijn – ook andere maatregelen noodzakelijk zijn om het aantal onbevoegd gegeven lessen verder terug te dringen, zoals het tegengaan van het lerarentekort, het inrichten van een toekomstbestendig bevoegdhedenstelsel – minder star en meer passend bij de ontwikkelingen die het onderwijs doormaakt – en meer maatwerk in de lerarenopleidingen.

Belangenbehartiging

Een landelijke werkgroep bespreekt het plan van aanpak en werkt het verder uit. De VO-raad zit in die werkgroep. De VO-raad zet in de gesprekken met het ministerie, de lerarenopleidingen en de beroepsgroep in op:

  • het actualiseren en toekomstgericht maken van de wet- en regelgeving. De VO-raad vindt de huidige regelgeving rond bevoegd niet meer toereikend voor de huidige situatie in het voortgezet onderwijs. Naast een aantal verbeteringen in regelgeving dat in 2016 en 2017 is doorgevoerd, wordt in schooljaar 2017-2018 een meer fundamentele discussie gevoerd over de toekomstbestendigheid van het bevoegdhedenstelsel. Dit biedt perspectief om door besturen en scholen ervaren knelpunten in het systeem, die onderwijsontwikkeling in de weg kunnen staan, weg te nemen en onbevoegd gegeven lessen verder terug te dringen.
  • een betere afstemming tussen de vraag van besturen, scholen en leraren en het aanbod van de lerarenopleidingen. De VO-raad zet in op een verdere verbetering van de wederzijdse samenwerking tussen lerarenopleidingen en scholen. De VO-raad, Vereniging Hogescholen en VSNU overleggen met elkaar over de behoeften van scholen ten aanzien van (maatwerk in) de opleiding van nog niet bevoegde leraren en de betekenis daarvan voor de vorm en inhoud van de lerarenopleidingen. Dat moet leiden tot afspraken met lerarenopleidingen over het afstemmen van vraag en aanbod van bij- en nascholing, het gericht informeren van besturen daarover, een betere benutting van eerder verworven competenties (EVC’s) en het bieden van meer flexibiliteit en maatwerk om leraren een passende bevoegdheid te laten halen.
  • het verduidelijken van de bevoegdheden van leraren in het vmbo: in 2016 is in samenspraak met andere betrokken partijen een passende oplossing gevonden voor de inzet van pabo-gediplomeerden in de onderbouw van het vmbo. Het voorstel onderstreept voor de VO-raad, Onderwijscoöperatie en Vereniging Hogescholen dat de regie over vraagstukken rond bekwaamheid en bevoegdheid berust bij het veld, in nauw overleg met de opleidingen. Daarnaast wil de VO-raad dat op zo kort mogelijke termijn wordt gekomen tot een structurele oplossing van diverse bevoegdhedenkwesties in het vmbo, zoals ‘passende bevoegdheden’ voor nieuwe profielvakken en beroepsgerichte keuzevakken. Daarnaast is de VO-raad betrokken bij een breed onderzoek naar de relatie tussen vmbo-onderwijs, de inzet van leraren en hun bevoegdheden (gereed: najaar 2017).
  • het agenderen van de bevoegdheid van leraren voor het voortgezet speciaal onderwijs en praktijkonderwijs: in schooljaar 2017-2018 vraagt de VO-raad meer aandacht bij ministerie, lerarenopleidingen en beroepsgroep voor de bevoegdheid en bekwaamheid voor leraren in het voortgezet speciaal onderwijs en het praktijkonderwijs.
  • het behartigen van de belangen van besturen met betrekking tot de gegevenslevering voor het lerarenregister in het kader van de implementatie van het lerarenregister. De VO-raad wil de uitwerking van deze thema’s koppelen aan een intensieve dialoog met besturen, schoolleiders, leraren, lerarenopleidingen en het ministerie.
     

De VO-raad wil de uitwerking van deze thema’s koppelen aan een intensieve dialoog met besturen, schoolleiders, leraren, lerarenopleidingen en het ministerie.