Wat speelt er?

De politiek wil meer ruimte bieden om nieuwe scholen te stichten. Hiertoe werd een wetsvoorstel 'Meer ruimte voor nieuwe scholen' ingediend, dat in oktober 2019 is aangenomen door de Tweede Kamer en in mei 2020 door de Eerste Kamer. Dit wetsvoorstel is per 1 november 2020 van kracht geworden.

Burgers zijn in Nederland vrij om een school te stichten. De wettelijke kaders die golden om een nieuwe school voor bekostiging in aanmerking te laten komen, maakten dit in de praktijk echter vrijwel onmogelijk. Met de nieuwe wet ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ zijn de mogelijkheden voor het oprichten van een nieuwe school verruimd:

  • Een nieuwe school mocht eerst alleen op grond van een bepaalde geloofs- of levensovertuiging worden gesticht. Met de nieuwe wet kan dit ook op basis van een pedagogische of andersoortige grondslag.
  • Om een nieuwe school te mogen oprichten moet worden aangetoond dat er - in aanvulling op vergelijkbare scholen die er al zijn in het voedingsgebied - voldoende behoefte is aan deze school. Nieuwe initiatieven mochten bij het meten van de belangstelling voor de school echter geen leerlingen meerekenen die al staan ingeschreven bij bestaande scholen. De nieuwe wet maakt dit wel mogelijk. Het belangstellingsonderzoek kan worden uitgevoerd door het verzamelen van handtekeningen of marktonderzoek.

Met deze wijzigingen wordt het makkelijker om een nieuwe school te stichten, ook op basis van een andersoortige grondslag dan een bepaalde geloofs- of levensovertuiging. Minister Slob (OCW) wil zo zorgen voor meer dynamiek in het onderwijslandschap en meer ruimte bieden voor innovatie, om de onderwijssector eigentijds te houden.

Met de wet geldt nog wel een aantal voorwaarden voor nieuwe initiatieven:

  • Het nieuwe initiatief moet een startdocument aanleveren bij de Onderwijsinspectie. Op basis hiervan brengt de inspectie advies uit aan de minister over de levensvatbaarheid en de te verwachten kwaliteit.
  • Het nieuwe initiatief is verplicht op voorhand bestaande schoolbesturen in het voedingsgebied uit te nodigen voor een kennismakingsgesprek. Doel is nieuwe scholen zo aan te sporen om de mogelijkheden tot samenwerking te verkennen.
     

Oprichten nevenvestiging

Met de wet 'Meer ruimte voor nieuwe scholen' zijn er ook andere voorwaarden gekomen voor het oprichten van een nevenvestiging van een al bestaande school. Eerst was hiervoor toestemming van collegabesturen in het voedingsgebied voldoende, die kon worden vastgelegd in een Regionaal Plan Onderwijsvoorzieningen (RPO), dat schoolbesturen gezamenlijk maken. Met de nieuwe wet kan het oprichten van een nevenvestiging niet langer direct via het RPO. Ook hiervoor geldt nu dat de bestaande schoolbesturen voldoende belangstelling moeten aantonen en een startdocument (dit mag een bestaand schoolplan zijn) dienen in te leveren bij de Onderwijsinspectie. Hiermee wordt een ‘gelijk speelveld’ gecreëerd tussen nieuwe initiatieven en bestaande schoolbesturen.

Ook is het verplicht geworden voor schoolbesturen om bij het oprichten van een nevenvestiging andere bestaande besturen uit te nodigen voor een kennismakingsgesprek, om samenwerkingsmogelijkheden te verkennen

Verder lezen:

Op Rijksoverheid.nl staat meer informatie over het wetsvoorstel 'Meer ruimte voor nieuwe scholen'.