Page 1 Copy 2 Created with Sketch.
Dekkend onderwijsaanbod
De VO-raad vindt het belangrijk dat scholen en besturen optimaal kunnen samenwerken om zo tot oplossingen te komen voor de gevolgen van leerlingendaling, en zet zich ervoor in dat belemmerende wet-en regelgeving op dit vlak wordt weggenomen.

Fusietoets

De VO-raad heeft jaren gepleit voor het afschaffen van de fusietoets en dit meermaals bij de politiek onder de aandacht gebracht. Bij leerlingendaling kan een fusie tussen scholen een antwoord of zelfs noodzakelijk zijn om een divers en hoogwaardig onderwijsaanbod in de regio in stand te kunnen houden. De fusietoets werd door veel schoolbesturen als ingewikkeld en ondoorzichtig ervaren en vormde daarom een drempel om te fuseren. De VO-raad is dan ook erg blij dat de fusietoets per 1 augustus 2018 is geschrapt, zodat schoolbesturen tijdiger en adequater kunnen reageren op de leerlingendaling.

Eerder werd een compensatieregeling ingevoerd om scholen die er bij een fusie financieel op achteruitgaan, te compenseren.

50%-regel

Op 1 januari 2016 is de verruimde 50%-regel in werking getreden. Met deze nieuwe regel mogen leerlingen in het vmbo, havo en vwo voortaan maximaal de helft van een totale leergang (in plaats van de helft van ieder schooljaar) op een andere school volgen. Het wordt zo makkelijker voor scholen in krimpgebieden om samen te werken; ze kunnen nu bijvoorbeeld onderling profielen of sectoren gezamenlijk aanbieden. Voorwaarde is wel dat ten minste één van de profielen of sectoren in de bovenbouw op de eigen school wordt verzorgd.

De VO-raad pleitte al eerder voor een aanpassing van de 50%-regel en is blij dat de verruimde 50%-regel is ingevoerd.

Samenwerkingsscholen

Op 1 januari 2018 is daarnaast het wetsvoorstel ‘Samen sterker’ in werking getreden dat het eenvoudiger maakt voor scholen van verschillende grondslagen om een samenwerkingsschool te vormen. Hierdoor kunnen beiden behouden blijven, terwijl anders één van de twee mogelijk zou verdwijnen.

Voor scholen van openbaar en bijzonder onderwijs bestond al de mogelijkheid om een samenwerkingsschool te vormen, maar hierbij moest aan strenge regels worden voldaan. Met het wetsvoorstel worden deze regels vereenvoudigd. Zo is het continuïteitscriterium opnieuw vorm gegeven, de bestuurlijke inrichting minder ingewikkeld en kan ook een stichting voor openbaar onderwijs een samenwerkingsschool in stand houden.

Deze wet is volgens de VO-raad een stap in de goede richting om meer samenwerking mogelijk te maken. De VO-raad ziet echter wel liever dat bij de beoordeling of scholen mogen samengaan wordt gekeken naar leerlingprognoses in plaats van cijfers van de afgelopen jaren. Het is bij dalende leerlingenaantallen als gevolg van krimp van groot belang dat scholen en besturen vooruit kijken en op tijd anticiperen op de gevolgen. Samengaan zou dus ook mogelijk moeten zijn als scholen op basis van een solide prognose over vijf jaar onder de gestelde norm komen.