Wat speelt er?

Met de wet ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’, die per 1 november 2020 geldt, is het makkelijker geworden om een nieuwe school te stichten. De politiek wil hiermee de onderwijssector eigentijds houden en het aanbod van scholen beter laten aansluiten bij de wensen van ouders en leerlingen. Een belangrijk aandachtspunt is wel dat er in regio’s voldoende balans moet zijn tussen vraag en aanbod. In een Regionaal Plan Onderwijsvoorzieningen (RPO) kunnen schoolbesturen gezamenlijk hierover afstemmen.

Meer ruimte voor nieuwe scholen

Burgers zijn in Nederland vrij om een school te stichten. De wettelijke kaders die golden om een nieuwe school voor bekostiging in aanmerking te laten komen, maakten dit in de praktijk echter vrijwel onmogelijk. Met de wet ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen' zijn de mogelijkheden voor het oprichten van een nieuwe school verruimd: 

  • Een nieuwe school hoeft geen erkende richting meer te hebben om te kunnen starten.
  • Om een nieuwe school te mogen oprichten moet er via het verzamelen van ouderverklaringen worden aangetoond dat er voldoende interesse is voor deze school. Hierbij mogen leerlingen worden meegeteld die al op andere scholen zitten (10-12 jarigen in het voedingsgebied). Eerder werd de belangstelling berekend met een voorspelling.  


Er geldt nog wel een aantal voorwaarden voor nieuwe initiatieven: 

  • Het nieuwe initiatief moet een startdocument aanleveren bij de Onderwijsinspectie. Op basis hiervan brengt de inspectie advies uit aan de minister over de levensvatbaarheid en de te verwachten kwaliteit. 
  • Het nieuwe initiatief is verplicht op voorhand bestaande schoolbesturen, het samenwerkingsverband en de gemeenten in het voedingsgebied uit te nodigen voor een kennismakingsgesprek. Een overleg kan ertoe leiden dat een bestaande school de wensen van ouders en leerlingen inpast. Het starten van een nieuwe school is dan niet meer nodig. 
  • Bestuurders en toezichthouders van een nieuwe school hebben een VOG nodig. En er wordt gekeken of de bestuurders in het verleden nooit een school hebben gehad die door zeer zwakke kwaliteit is gesloten.
     

Meer informatie over de te nemen stappen voor het stichten van een nieuwe school is te vinden op de website van DUO.

Overleg in een Regionaal Plan Onderwijsvoorzieningen (RPO)

In elke regio is er een bepaald aantal onderwijsvoorzieningen nodig, afgestemd op de (toekomstige) hoeveelheid leerlingen en hun onderwijsbehoeften. Het is belangrijk dat schoolbesturen in de regio samenwerken om dit ‘vraag en aanbod' in evenwicht te houden, en bijvoorbeeld afstemmen in situaties van leerlingendaling of als er plannen zijn voor het uitbreiden van onderwijsaanbod of het verplaatsen van vestigingen. Dit om situaties te voorkomen waarbij het aanbod te groot is voor de vraag en een bepaalde school of onderwijsaanbod niet meer in stand kan worden gehouden. 

In een Regionaal Plan Onderwijsvoorzieningen kunnen schoolbesturen gezamenlijk deze afstemming regelen. Het aanvragen of wijzigen van het RPO kan via de website van DUO.

Nieuwkomers die een nieuwe school willen stichten, maken nog geen deel uit van dit RPO. Zij moeten alle scholen in het voedingsgebied van de te stichten school uitnodigen voor een kennismakingsgesprek. 

Oprichten nevenvestiging niet langer via RPO

Met de wet 'Meer ruimte voor nieuwe scholen' zijn er ook andere voorwaarden gekomen voor het oprichten van een nevenvestiging van een al bestaande school. Eerst was hiervoor toestemming van collega-besturen in het voedingsgebied voldoende, die kon worden vastgelegd in het RPO. Het oprichten van een nevenvestiging loopt echter niet langer via het RPO. Ook hiervoor geldt nu dat de bestaande schoolbesturen voldoende belangstelling moeten aantonen en een startdocument (dit mag een bestaand schoolplan zijn) dienen in te leveren bij de Onderwijsinspectie. Hiermee wordt een ‘gelijk speelveld’ gecreëerd tussen nieuwe initiatieven en bestaande schoolbesturen. 

Ook is het verplicht voor schoolbesturen om bij het oprichten van een nevenvestiging andere bestaande besturen uit te nodigen voor een kennismakingsgesprek, om samenwerkingsmogelijkheden te verkennen.