Standpunt & lobby

De VO-raad kan zich op hoofdlijnen vinden in de wet ‘Doeltreffender regeling van het onderwijstoezicht’, die op 1 augustus 2017 van kracht wordt. Deze nieuwe wet sluit goed aan bij de visie van de VO-raad op de gewenste verantwoordelijkheidsverdeling en rol van besturen/scholen enerzijds én het toezicht anderzijds.

Wat betreft de VO-raad moet de focus van de Inspectie primair liggen op het controleren van de basiskwaliteit, en op het voorkomen van zwakke en zeer zwakke scholen en bijdragen aan de verbetering van deze scholen. Daar waar scholen voldoen aan de basiskwaliteit en hierover verantwoording afleggen aan intern en extern betrokkenen, kan de Inspectie zich meer terugtrekken. De VO-raad vindt het niet aan de Inspectie om verder te bepalen wat goed onderwijs is en te beoordelen of scholen hieraan voldoen. Een goed schoolbestuur is zelf in staat te bepalen wat ze onder goed onderwijs verstaan, te evalueren of de school hieraan voldoet en zelf de gewenste kwaliteitsverbetering in gang te zetten (de Inspectie kan hier wel over meedenken). Deze zienswijze sluit aan bij de nieuwe inrichting van het inspectietoezicht.

De VO-raad vindt het goed dat met de wet de controlerende/beoordelende taak van de Inspectie duidelijk wordt afgebakend. Tijdens de wetsbehandeling had de VO-raad hierop aangedrongen.

Predicaten goed en excellent

Zoals hierboven aangegeven, vindt de VO-raad dat het niet aan de Inspectie is te bepalen wat goed onderwijs is en of een school hier aan voldoet. Het is namelijk heel moeilijk op een objectieve, eenduidige manier vast te stellen wat ‘goed’ is; hier zijn ook geen duidelijke wettelijke criteria voor. Terwijl de oordelen ‘goed’ en ‘excellent’ wel grote gevolgen voor scholen kunnen hebben. De overheid zou zich daarom van dit soort oordelen moeten onthouden. De VO-raad is dan ook tegen het toekennen van predicaten als ‘goed’ en ‘excellent’ door de Inspectie aan scholen.

Met de nieuwe wet kan de Inspectie alleen op verzoek van de school zelf onderzoeken of ze een predicaat ‘goed’ of ‘excellent’ aan de school kan toekennen. De VO-raad houdt principiële bezwaren tegen het toekennen van deze predicaten, maar kan wel instemmen met het compromis om dergelijke uitspraken alleen op verzoek van scholen en besturen af te geven.

Bestuur aanspreekpunt toezicht

In de nieuwe inspectie-aanpak is het bestuur – meer dan voorheen – aanspreekpersoon voor het toezicht. Daarnaast maakt een gesprek met de Raad van Toezicht en de GMR ook altijd onderdeel uit van het inspectieonderzoek. De VO-raad onderschrijft de keuze voor het bestuur als eerstverantwoordelijk aanspreekpersoon voor het toezicht, maar is er geen voorstander van om ook de interne Raad van Toezicht bij het onderzoek van de Inspectie te betrekken. Toezichthouders komen daarmee teveel op de stoel van de bestuurders te zitten en dit kan ook tot rolverwarring leiden.