Page 1 Copy 2 Created with Sketch.
Onderwijssoorten
De VO-raad acht een sterk vmbo cruciaal; het biedt leerlingen de kans om hun (praktische) talenten te ontwikkelen en levert de samenleving zo ook goede vakmensen op, waar sterke behoefte aan is. We staan dan ook positief tegenover de invoering van de nieuwe profielen en de begin 2017 door OCW aangekondigde maatregelen rond het vmbo.

De VO-raad heeft uitvoerig met het ministerie van OCW gesproken over deze maatregelen en ziet veel van zijn visie en wensen erin terugkomen. Zo is het belangrijk dat er meer aandacht komt voor praktijkgericht onderwijs binnen het vmbo-tl en havo. Ook zijn we blij dat er structureel wettelijke ruimte komt voor vmbo- en mbo-scholen om doorlopende 5- of 6-jarige leerroutes vmbo/mbo in te richten (met ruimte voor regionaal maatwerk), in plaats van de bestaande tijdelijke experimenteerregeling die het maatwerk gedetailleerd voorschreef. De VO-raad pleitte hier al geruime tijd voor.

Daarnaast steunen we het voorstel om vmbo-gl en -tl samen te voegen in één nieuwe leerweg en daar voor elke leerling een praktische component aan toe te voegen. OCW heeft de VO-raad verzocht om samen met het Platform TL en de Stichting Platforms Vmbo een gedragen advies hierover op te stellen.

In het algemeen leiden al de maatregelen ons inziens tot een verdere versterking van het beroepsonderwijs. Ze maken het mogelijk voor scholen om aantrekkelijker, beter praktijkgericht onderwijs te realiseren, leerlingen maatwerk en kansen te bieden en de overgang naar het vervolgonderwijs en de arbeidsmarkt te versterken. Ook zorgen ze voor meer aandacht en waardering voor vakmanschap en een versterking van het imago van het vmbo.

Voldoende financiële ruimte

Wel is het belangrijk dat scholen financieel in staat worden gesteld om op een goede manier uitvoering te geven aan de maatregelen. Deze zullen consequenties hebben voor de kosten die scholen maken. Zo zullen tl-scholen een praktische component moeten aanbieden en docenten moeten bijvoorbeeld de kans krijgen zich hierin bij te scholen.

Wat betreft het vmbo-techniekonderwijs komt het kabinet hier goed aan tegemoet. Het kabinet stelt structureel 100 miljoen euro beschikbaar voor een dekkend aanbod en versterking van de kwaliteit van het techniekonderwijs op het vmbo. De VO-raad heeft zich daar samen met Stichting Platforms Vmbo hard voor gemaakt.

Daarnaast heeft de VO-raad er op aangedrongen bij de regering om geld beschikbaar te stellen waarmee leraren tegen een sterk gereduceerd tarief bijscholing kunnen volgen om goed les te kunnen geven in de nieuwe profielen. De VO-raad vindt dat er geen enkele financiële belemmering mag zijn voor docenten en scholen om mee te doen aan deze bijscholing. Het kabinet heeft besloten om ook de komende jaren hiervoor middelen beschikbaar te stellen. Het aanbod voorziet in een duidelijke behoefte. Zo hebben meer dan 10.000 leraren inmiddels een scholingstraject gevolgd.

Vereenvoudiging bekostiging

Parallel aan de vernieuwingen in het vmbo loopt een traject om de bekostigingssystematiek in het vo te vereenvoudigen. Aandachtspunt hierbij is de bekostiging voor vmbo-scholen die in een krimpgebied gesitueerd zijn en daarnaast de gevolgen ondervinden van de herschikking van de lwoo-middelen. De Tweede Kamer heeft in november 2018 een aantal moties aangenomen rondom de vereenvoudiging bekostiging voor het vo en de gevolgen voor (kleine) brede scholengemeenschappen in krimpgebieden. 

Pabo-docenten in het vmbo

Naast de discussie rondom voldoende bekostiging voor het vmbo, speelt ook een aantal andere kwesties. Zo werken momenteel ongeveer 1500 pabo-gediplomeerden in het vmbo die volgens de letter van de wet onbevoegd zijn om in het vmbo les te geven. De VO-raad, Onderwijscoöperatie en Vereniging Hogescholen hebben gezamenlijk gewerkt aan een oplossing; voor pabo-gediplomeerden zijn opleidingstrajecten op maat ontwikkeld om een bevoegdheid te halen.