22 februari 2018

Wat is het voorstel van de VO-raad?

De VO-raad heeft de onderwijsbonden opgeroepen om de impasse in het cao-overleg te doorbreken en weer aan de onderhandelingstafel plaats te nemen om afspraken te maken over een marktconforme salarisverhoging in 2018 en over de wijze waarop meer ontwikkeltijd en minder werkdruk voor leraren is te realiseren. Lukt dat niet voor 1 mei aanstaande dan gaat de VO-raad over tot de aanbeveling aan de leden om de loonruimte van 2,35% om te zetten in een structurele loonsverhoging vanaf 1 juni 2018.

Wat zijn de overwegingen van de VO-raad om deze stap te zetten?

De VO-raad vindt dat de onderhandelingen over een nieuwe cao veel te lang duren. In oktober 2017 is het overleg gestart en op 20 februari 2018 hebben de vakbonden de onderhandelingen stop gezet. Sindsdien hebben er geen ontwikkelingen plaatsgevonden die uitzicht bieden om alsnog tot nieuwe cao-afspraken te komen.

De VO-raad wil niet langer afwachten. Onze medewerkers in het voorgezet onderwijs verdienen een loonsverhoging. De middelen (2,35%) daarvoor zijn beschikbaar en de VO-raad ziet geen goede reden om de uitgave daarvan voor onbepaalde tijd uit te stellen.

Bovendien is het van belang dat de inkomensontwikkeling meegroeit met de markt (die is door het CPB geraamd op 2,2% in 2018). Dat is nodig  om het beroep van leraar aantrekkelijk te houden en ook in de toekomst mensen te laten kiezen voor het voortgezet onderwijs. De noodzaak daartoe neemt alleen maar toe, zeker gezien het oplopende lerarentekort.

Hoe gebruikelijk is dit initiatief van de VO-raad?

Het oproepen van de bonden om weer met de werkgevers te onderhandelen nadat er een lange periode niets is gebeurd, komt vaker voor. Het daaraan verbinden dat bij geen resultaat werkgevers hun verantwoordelijkheid nemen door een verbetering van arbeidsvoorwaarden door te voeren, gebeurt minder vaak.

Toch is het eerder voorgekomen, onder andere in onze sector zelf. In 2015 was er naar aanleiding van een akkoord met de overheid (het zogenaamde Loonakkoord) geld beschikbaar voor loonsverhogingen. Tegelijkertijd lukte het niet om met de bonden tot een nieuwe cao te komen. De VO-raad heeft de leden toen aanbevolen de middelen wel in te zetten voor een loonsverhoging. Vervolgens hebben de leden dat ook gedaan.   

Waarom gaan de VO-werkevers niet meteen over tot uitbetalen?

De VO-raad heeft een sterke voorkeur om samen met de vakbonden afspraken te maken over een marktconforme loonsverhoging en over ontwikkeltijd en werkdrukvermindering. Daarom doen we de bonden de handreiking om met ons zaken te doen. Om samen afspraken te maken en niet tegenover elkaar te komen staan.

De VO-raad hoopt dan ook van harte dat de bonden deze uitnodiging aanvaarden en weer met ons aan tafel gaan, zodat de loonsverhoging geen eenzijdige maatregel van de werkgevers wordt maar een gezamenlijk besluit van sociale partners.

Is bij uitbetaling vanaf 1 juni het geld beschikbaar, of moeten scholen voorschieten?

Wij verwachten dat cijfers voor de arbeidsvoorwaardenontwikkeling vanuit de referentiesystematiek voor juni definitief beschikbaar zijn. De effectuering zal vervolgens waarschijnlijk in augustus plaatsvinden. Dat zou betekenen dat de scholen een korte periode moeten voorfinancieren.

Overigens is deze situatie niet anders dan als we alsnog met de bonden tot een akkoord komen of als we al eerder, bijvoorbeeld in februari van dit jaar, al tot afspraken zouden zijn gekomen.

Is het uitbetalen van een loonsverhoging zonder een nieuwe cao juridisch houdbaar?

Juridisch is het wel lastiger dan met een cao-akkoord. Ten tijde van het Loonakkoord in 2015 speelde dit ook. Toen hebben alle de scholen de loonsverhoging uitgekeerd. Daarnaast zit er in de uitvoering nog een aantal aandachtspunten. Zo zullen de salarisadministratiekantoren bijvoorbeeld een expliciete opdracht van de werkgever nodig hebben om de loonsverhoging uit te voeren, terwijl dat bij een cao-afspraak nagenoeg automatisch gaat.

Als de VO-raad de stap zet tot het, zonder een cao-akkoord, uitbetalen van de loonsverhoging dan zullen we de leden uitgebreid informeren over de (juridische) uitvoering daarvan.

Hoe gaat het nu verder?

De VO-raad hoopt dat de onderwijsbonden ingaan op de uitnodiging en met ons het overleg hervatten om tot cao-afspraken te komen. Hiervoor is nog enige tijd beschikbaar, tot 1 mei 2018. Als dat lukt is het eenzijdig inzetten van de loonruimte van de baan en trekken de VO-raad en de bonden weer samen op.

Ondertussen bereidt de VO-raad zich voor op het alternatieve scenario, in het geval de bonden onverhoopt niet ingaan op onze uitnodiging, of als het niet lukt binnen die periode tot een goed resultaat te komen. Hiervoor zullen we gesprekken aangaan met onder andere de salarisadministraties, accountants, de leden en andere stakeholders.

Wat gebeurt er als de werkgevers de loonruimte in een loonsverhoging uitgeven en daarna alsnog een cao wordt afgesloten?

De onderhandelingen over een nieuwe cao gingen niet alleen over salaris. Ook over ontwikkeltijd, werkdruk en andere onderwerpen zoals taakbeleid, de ketenbepaling voor onbevoegden en de salarispositie van teamleiders. Als de onderhandelingen nadien weer op gang komen, liggen deze onderwerpen weer op tafel. De al uitgegeven salarisverhoging wordt daarbij ook meegenomen. Waarbij het met de leden afgesproken uitgangspunt dat ‘niet meer uitgegeven wordt dan beschikbaar is’ onverminderd overeind blijft.

Hoe zat het ook alweer, waarom zijn de onderhandelingen in februari vastgelopen?

Op 20 februari jl. hebben de bonden het overleg afgebroken.  De onderhandelingen zijn vastgelopen op de onrealistische eisen van de bonden. Naast een structurele salarisverhoging van 3,5% vragen ze om een lessenreductie van 20%, van 25 naar 20 per week. Eerder hebben de bonden deze claim bij het kabinet gelegd, waarbij ze hebben berekend dat deze maatregel vraagt om 900 miljoen euro extra, waarmee 12.000 extra leraren te financieren zijn. Het kabinet heeft dit niet gehonoreerd, waarna de bonden de claim tijdens de cao-onderhandelingen bij de scholen hebben neergelegd. De VO-raad heeft de bonden duidelijk gemaakt niet over deze middelen te beschikken en dit dus ook niet te kunnen betalen.

Willen de bonden en de VO-raad op dezelfde manier de werkdruk aanpakken?

Zowel voor de bonden als de VO-raad is het verminderen van de werkdruk op scholen een belangrijk punt. Zij verschillen echter van mening over hoe de werkdruk het best kan worden aangepakt. De bonden zoeken de oplossing primair in het terugdringen van het aantal lessen, individueel afdwingbaar via de cao en voor elke leraar hetzelfde.

De VO-raad zoekt de oplossing in een meer integrale benadering en pleit voor extra ontwikkeltijd voor docenten. We weten dat werkdruk vele verschijningsvormen heeft. Het gaat niet alleen om het lessenaantal maar bijvoorbeeld ook om de organisatie van het werk, de samenwerking binnen teams, de leerlingenpopulaties, de ambities op school en groepsgrootte. Daarnaast zijn de voorkeuren, behoeften en ervaren belasting niet voor elke docent gelijk. Daarom kiest de VO-raad voor een benadering waarbij leraren(teams) in overleg met de schoolleiding oplossingen zoeken die passend zijn voor de knelpunten die op school zelf worden ervaren. 

In het primair onderwijs zijn ook afspraken gemaakt over werkdrukvermindering. Kunnen we daarvan leren?

Ja zeker. In het akkoord dat het primair onderwijs met de minister (én met instemming van de bonden) heeft gesloten zijn de schoolteams aan zet bij het nemen van maatregelen om de werkdruk op schoolniveau te verminderen. De daarvoor beschikbaar gestelde middelen worden besteed aan activiteiten waarvan docenten en schoolleiding weten dat ze binnen de school het beste een bijdrage leveren aan vermindering van de werkdruk. De VO-raad staat voor een zelfde benadering. Een van boven opgelegde lessenreductie voor iedereen gelijk en individueel afdwingbaar in de cao, zoals de bonden willen, past niet in deze visie.

Is dat niet te gemakkelijk, in het primair onderwijs heeft de minister daarvoor toch extra investeringen gedaan?

Het klopt dat het voortgezet onderwijs momenteel niet beschikt over extra middelen vanuit Den Haag voor de aanpak van werkdruk. Dat maakt het inderdaad  moeilijker. De VO-raad pleit al enige tijd bij het kabinet voor meer ontwikkeltijd voor leraren. Bij de invulling van ontwikkeltijd krijgen leraren(teams) in afstemming met de schoolleiding de regie. Dit is belangrijk om docenten meer ruimte en lucht te geven om zich te verbeteren, verbreden, verdiepen en vorm te geven aan onderwijsvernieuwing. Wij gaan in de komende periode onverminderd door om het kabinet er toe te bewegen hiervoor de noodzakelijke investeringen te doen. Wij nodigen de onderwijsbonden uit op dit punt samen met ons op te trekken.

Het ontbreken van investeringen door het kabinet betekent overigens niet dat scholen op dit moment niets aan vermindering van de werkdruk kunnen doen. In veel scholen zijn schoolleiding en leraren met elkaar in gesprek over de aanpak van knelpunten die bijdragen aan een hoge werkdruk. De VO-raad faciliteert scholen hierbij. Daarnaast zijn wij nieuwsgierig naar goede voorbeelden van de aanpak van werkdruk. Als u suggesties heeft voor de verlichting van werkdruk dan horen wij dat graag. U kunt daarvoor het volgende mailadres gebruiken:  helpdesk@vo-raad.nl

Is de huidige cao nog van kracht?

Ja, de huidige cao geldt nog steeds. Doordat de cao door geen van beide partijen is opgezegd lopen de afspraken door tot 1 oktober 2018. Dat betekent dat de in de cao opgenomen arbeidsvoorwaarden in ieder geval tot die tijd van kracht blijven. Wel moet u er nog altijd rekening mee houden dat de mogelijkheid om tijdelijke contracten voor onbevoegde docenten te verlengen tot maximaal vier jaar, per 1 oktober 2017 is komen te vervallen (zie artikel 9.a.4. lid 4 en 5 CAO VO). Nu hier nog geen nieuwe afspraken over zijn gemaakt, is de maximale termijn voor de inzet van tijdelijke contracten voor onbevoegde docenten, twee jaar. Dit geldt niet voor de contracten die reeds zijn aangegaan voor 1 oktober 2017 en nog steeds doorlopen. U kunt deze echter niet meer verlengen, zonder dat een vast contract ontstaat. Mocht u hierover vragen hebben, dan kunt contact opnemen met onze helpdesk: helpdesk@vo-raad.nl.