Berichtgeving over wijzigingen in het nabestaandenpensioen roept vragen op

Voor de zomer zijn scholen geïnformeerd over het onderhandelaarsakkoord van werkgevers en werknemers in de sectoren overheid en onderwijs over de wijzigingen in de pensioenregeling bij het ABP per 1 januari 2018. Dit akkoord is bekrachtigd door sociale partners. Het ABP is begonnen met het informeren van de werkgevers en werknemers. Vooral het vervallen van de ANW-compensatie roept veel vragen op. Zo zijn er zorgen over het financiële effect voor de individuele werknemer en wordt ons gevraagd of dit op sectorniveau wordt gecompenseerd. Dit laatste is niet het geval.

Een alternatief is dat een werknemer het vervallen van de ANW-compensatie zelf regelt. Hiervoor is inzicht in het financiële effect nodig. Dit effect verschilt per werknemer. Dit hangt af van verschillende factoren zoals de leeftijd van de werknemer op moment van overlijden, de leeftijd van de partner van de werknemer op het moment van overlijden en looptijd van het dienstverband. Op MijnABP.nl staat wel informatie over de hoogte van de ANW-compensatie die een partner onder voorwaarden ontvangt, maar geen informatie over het partnerpensioen na 1 januari 2018. Dit partnerpensioen wordt verbeterd (zie kader). Daarom is het niet op voorhand te zeggen of de partner van een werknemer bij overlijden op of na 1 januari 2018 qua nabestaandenpensioen beter of slechter af is. Als een werknemer meer wil weten over het effect van de wijzigingen in zijn persoonlijke situatie is het aan te raden hierover een adviseur te raadplegen. Een werknemer kan dan zelf beslissen of hij het nodig vindt om zich aanvullend te verzekeren.

Nabestaandenpensioen
Een belangrijk deel van de wijzigingen per 1 januari 2018 hebben betrekking op het nabestaandenpensioen. Deze aanpassingen zijn nodig om de pensioenregeling eenvoudiger te maken. De wijzigingen zijn:

- Partnerpensioen wordt hoger
Er is vanaf 1 januari 2018 voor het partnerpensioen geen verschil meer tussen overlijden van een (oud)werknemer voor of na 67 jaar. In de huidige regeling ontvangt de partner van een werknemer 50% van het ouderdomspensioen als de werknemer voor 67 jaar overlijdt en bij overlijden na 67 jaar 70%.
Daarnaast blijft er bij einde dienstbetrekking recht op een deel van het partnerpensioen. In de huidige regeling vervalt dit recht zodra de werknemer voor ingang van zijn pensioen uit dienst treedt.

- ANW-compensatie vervalt
Voor partners van een werknemer die op of na 1 januari 2018 overlijdt is er geen recht op ANW-compensatie. Lopende compensaties worden voortgezet volgens de huidige regels. Met deze versobering wordt een deel van de extra kosten voor het verbeteren van het partnerpensioen gecompenseerd.

In de huidige regeling is het volgende over de ANW-compensatie bepaald:
• De partner van een deelnemer heeft recht op ANW-compensatie als er geen, niet langer meer of verminderd recht bestaat op een ANW-uitkering.
• De compensatie is maximaal 75% van nabestaandenuitkering als gevolg van de Algemene Wet Nabestaandenuitkering (2017: ongeveer € 11.300). Of de partner van de overleden werknemer dit maximale bedrag ontvangt hangt af van het aantal jaar waarover pensioen wordt berekend.
• Als de partner van de overleden werknemer bij toekenning van het partnerpensioen jonger is dan 40 jaar, dan eindigt de ANW-compensatie 12 maanden na ingang.
• De compensatie vervalt op de eerste dag van de maand waarin:
o de partner AOW gaat ontvangen
o de partner gaat samenwonen of een partnerschap aangaat.
 
- Compensatie loonheffing vervalt
Voor partners van een werknemer die op of na 1 januari 2018 overlijdt, is er geen recht op compensatie loonheffing. Deze wijziging is vooral bedoeld om de regeling te vereenvoudigen.