Budgetten scholenbouw te laag

05 september 2017

Bij de helft van de aanbestedingen voor scholenbouw in het primair en voortgezet onderwijs is 20 procent meer financiering nodig dan vooraf was gebudgetteerd. Dit blijkt uit onderzoek van onder andere de VO-raad, PO-Raad en Bouwstenen. 50 bestuurders en professionals zijn geënquêteerd, waarvan de helft werkzaam is in het onderwijs, 40% bij gemeenten en 10% elders.

In het onderzoek is gevraagd naar ervaringen met aanbestedingen vanaf het tweede kwartaal in 2015. De ingebrachte ervaringen betreffen overwegend (vervangende) nieuwbouw; een kleine 30% gaat over renovatie of een combinatie van renovatie en nieuwbouw. De omvang van de projecten varieert van een kleine uitbreiding van 100 m2 tot de renovatie van een grote VO-school van 15.000 m2.

Meer dan 35% overschrijding

Uit het onderzoek blijkt dat in slechts 9% van de gevallen het gereserveerde budget toereikend is. In alle andere gevallen kwam het aanbestedingsresultaat boven het budget uit. Bij 42% bedroeg de overschrijding minder 20%. Maar bij de helft van de aanbestedingen bleek de overschrijding meer dan 20% te bedragen. Bij vier scholen werd zelfs een overschrijding van meer dan 35% vastgesteld.

Opvallend is dat er geen relatie gelegd kan worden met de mate van overschrijding van het budget en de wijze van budgettering. De op VNG-normen gebaseerde budgetten worden sterk overschreden, maar dat geldt ook voor de op werkelijke kosten gebaseerde budgetten. De sterke prijsstijging heeft blijkbaar iedereen verrast.
Bezuinigen of het budget verhogen

Bij vrijwel alle budgetoverschrijdingen wordt actief gezocht naar een oplossing door middel van bezuinigen, het verhogen van het budget of met een combinatie. In enkele gevallen is de aanbesteding definitief als mislukt bestempeld en wordt gewerkt aan een nieuw plan.

Bij het zoeken naar extra budget wordt meer dan eens de school aangesproken. De gemeente houdt dan vast aan het eerder vastgestelde krediet. De keus is dan aan de school; bezuinigen of zorgen voor aanvullende financiering.

VNG-norm

De sterke verhoging van de bouwkosten frustreert de respondenten zichtbaar. Om de gewenste kwaliteitsverbetering te realiseren vinden diverse respondenten dat de VNG-norm omhoog moet. Een verhoging van ten minste 25 á 30% wordt meer dan eens genoemd. Eén van de respondenten adviseert om juist in tijden van hoogconjunctuur zo terughoudend mogelijk te zijn met investeringen. Dat jaagt de bouwprijs alleen maar verder op. In veel gevallen kan vervangende nieuwbouw of renovatie nog wel even wachten, aldus deze respondent. De overheid kan beter investeren in crisistijd.