Nieuwe handreiking over hoe als school om te gaan met armoede

17 februari 2020

Welke rol hebben scholen en onderwijsprofessionals als het gaat om het bieden van gelijke (ontwikkel)kansen aan jongeren die opgroeien in armoede, en vooral ook: hoe kunt u hier op een goede manier uitvoering aan geven? In opdracht van de ministeries van OCW en SZW is een handreiking uitgebracht met informatie, praktische tips en inspirerende werkwijzes op dit vlak, gebaseerd op een verkenning van goede praktijken en pilots op scholen, expertmeetings en literatuurstudie.

Eén op de twaalf kinderen of jongeren in Nederland groeit op in armoede; gemiddeld gaat het hierbij om twee leerlingen per klas. Deze kinderen en jongeren hebben vaak te maken met instabiele levensomstandigheden en spanningen thuis, krijgen meestal weinig stimulans, steun en aandacht vanuit huis en groeien vaak op in een minder veilige omgeving, met weinig goede rolmodellen en minder faciliteiten. Hierdoor hebben zij in vergelijking met leeftijdgenoten die niet in armoede leven, minder kansen om zichzelf te ontwikkelen (zowel cognitief als sociaal-emotioneel). Ook lopen ze een groter risico op lagere schoolprestaties, voortijdig schoolverlaten, gezondheids- en psychosociale problemen en op de langere termijn op jeugdcriminaliteit, werkloosheid en armoede.

Scholen kunnen er een belangrijke rol in spelen om deze ‘cirkel van armoede’ te doorbreken en deze kinderen en jongeren betere ontwikkel- en toekomstkansen te bieden. Belangrijk hierbij is ten eerste dat armoede op de agenda wordt gezet; dat iedereen op school zich bewust is dat dit bij leerlingen kan spelen en welke gevolgen dit voor hen heeft. Als blijkt dat leerlingen te maken hebben met armoede, kan voor hen op school een veilige, ondersteunende en stimulerende leeromgeving worden gecreëerd, zodat zij in elk geval binnen de schoolmuren meer kansen krijgen om zich te ontwikkelen. Ook kan een school ouders stimuleren en ondersteunen als het gaat om de (leer)begeleiding van hun zoon of dochter. En scholen kunnen leerlingen en ouders tenslotte doorverwijzen naar beschikbare (financiële) ondersteuning vanuit (gemeente)fondsen en organisaties, zodat alle kinderen mee kunnen doen met school- en buitenschoolse activiteiten.

In de handreiking staan tips, suggesties en inspirerende werkwijzen vanuit andere scholen (voorzien van concreet voorbeeldmateriaal), die scholen kunnen gebruiken om op een goede manier uitvoering te geven aan bovenstaande. Ook worden de rollen van betrokkenen in de school en de partijen met wie scholen kunnen samenwerken op dit vlak, nader beschreven.

De handreiking is ontwikkeld door Mariëtte Lusse (lector Ouders in Rotterdam Zuid, Hogeschool Rotterdam) en Annelies Kassenberg (associate lector Hanzehogeschool Groningen) in opdracht van de ministeries van OCW en SZW. De handreiking is bedoeld voor scholen in het po en vo.