Rapport Kinderombudsman: Passend onderwijs is nog geen inclusief onderwijs

24 september 2020

Kinderen zijn over het algemeen ‘best tevreden’ over de hulp die ze op school krijgen, maar zodra de hulpvraag complexer wordt, voldoet de ondersteuning en hulpverlening niet meer en hebben scholen niet altijd voldoende expertise, tijd en ruimte beschikbaar. Ook voelen de kinderen zich niet altijd gezien of gehoord. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van de Kinderombudsman naar passend onderwijs onder 184 kinderen in de leeftijd van 10 tot 18 jaar.

De Kinderombudsman doet vier suggesties voor verbetering van passend onderwijs: 

  1. Er moet meer kennis worden opgebouwd door onderwijspersoneel (ook al tijdens de opleiding) over de problemen die kinderen hebben. 
  2. Breng meer rust en structuur aan op school door kleinere klassen en meer docenten voor de klas. Zo is er ook meer tijd voor individuele aandacht.
  3. Het is belangrijk dat het voor kinderen, en hun ouders, duidelijk is hoe bepaalde beslissingen over de hulp genomen worden. Als bekend is waarom hulp soms niet mogelijk is, kan er samen met school gekeken worden naar wat dan wél mogelijk is.
  4. Scholen moeten beter in de gaten houden of de hulp die kinderen krijgen wel de juiste is. En ze moeten leren hoe ze dit kunnen meten.

Met dit rapport wordt ook de stem van de leerlingen gehoord bij de evaluatie passend onderwijs. De VO-raad steunt de wens van de Kinderombudsman om toe te werken naar inclusiever onderwijs. Daarbij kan nauwe samenwerking met het speciaal onderwijs helpen én ondersteuning van jeugdhulpverlening via de gemeente. Zeker met het huidige lerarentekort zijn die vormen van samenwerking en ondersteuning nodig om aan de wensen van de leerlingen tegemoet te kunnen komen.


Nog vijf onderzoeken passend onderwijs verschenen

Eerder deze maand stuurde minister Slob vijf andere onderzoeksrapporten over passend onderwijs naar de Tweede Kamer. Drie onderzoeken zijn een aanvulling op het onderzoeksprogramma van het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek in het kader van de evaluatie van passend onderwijs. Daarnaast zijn een rapport van de inspectie en een voortgangsrapportage over lwoo en pro opgenomen.

Rapport Eigenaarschap in het passend onderwijs

De Nederlandse School voor Openbaar Bestuur geeft inzicht in hoe eigenaarschap bij kan dragen aan het oppakken van gedeelde verantwoordelijkheden en het biedt handreikingen om dit eigenaarschap te versterken. Conclusie is dat de nadruk tot op heden vooral op het economisch en juridisch perspectief lag en dat het sociaal-maatschappelijke sturingsprincipe meer aandacht zou moeten krijgen.

Organisatiekosten samenwerkingsverbanden en schoolbesturen

Het onderzoek van Regioplan en Cebeon geeft onder meer inzicht in het type organisatiekosten, de totale geschatte kosten en de organisatiekosten afgezet tegen het vrij besteedbare budget van samenwerkingsverbanden en het totale budget van schoolbesturen. Het rapport biedt vooral overzicht over het type organisatiekosten bij samenwerkingsverbanden en schoolbesturen in relatie tot het besteedbaar budget.

DUO: leerlingenaantallen en leerlingenstromen

DUO onderzocht de trends in de leerlingenaantallen en -stromen tussen regulier en speciaal onderwijs (2011-2019), ook in relatie tot de verevening. In het voortgezet speciaal onderwijs nam het aantal leerlingen toe tot 2014, waarna hun aantal afnam en vanaf 2016 stabiliseerde. Ten opzichte van het totaal aantal leerlingen in regulier voortgezet onderwijs nam het percentage leerlingen in voortgezet speciaal onderwijs van 2016 tot 2019 echter weer licht toe. Over het algemeen is er toename van voortgezet speciaal onderwijs in samenwerkingsverbanden die meer geld krijgen dan in 2014 en afname in voortgezet speciaal onderwijs in samenwerkingsverbanden met krimpende budgetten.

Voorbereiding leerlingen instroom entreeopleiding

De inspectie onderzocht de manier waarop leerlingen worden voorbereid op instroom in de entreeopleiding. Het onderzoek geeft inzicht in de organisatie van extra ondersteuning en de voorbereiding op de overgang naar vervolgonderwijs en wat hierbij volgens scholen, leerlingen en ketenpartners bevorderende en belemmerende factoren zijn. Bevorderende factoren zijn een warme en gefaseerde overgang en een goede samenwerking met de mbo-instelling. Leren van de ervaringen in de nazorg is nog een aandachtspunt. 

Over de eerste tussenrapportage van het monitorings- en evaluatieonderzoek naar de Pilot brugklassen vmbo-pro, uitgevoerd door SEO Economisch Onderzoek is eerder bericht.

Bekostigingssystematiek lwoo en pro

In het kader van de verdere integratie van leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) en praktijkonderwijs (pro) in het systeem van passend onderwijs werkt OCW aan een toekomstbestendige bekostigingssystematiek voor lwoo en pro. Het CBS heeft achtergrondanalyses voor de bekostiging lwoo/pro uitgevoerd om te kunnen beoordelen of de door OCW voorgestelde systematiek geschikt is. Het ministerie wil een verkenning gaan uitvoeren naar zelfstandige bekostiging van het praktijkonderwijs.

Het voortgezet onderwijs volgt met grote belangstelling de informatie over een toekomstbestendige bekostigingssystematiek voor lwoo en pro. Dit is een complex en langdurig traject (de huidige bekostiging is nog steeds gebaseerd op de teldatum in 2012).