Afgezien van een investering in het techniek onderwijs, zijn de plannen van het kabinet voor het voortgezet onderwijs een grote tegenvaller. De meeste scholen dreigen er onder de streep op achteruit te gaan. "Onbegrijpelijk en onverteerbaar", aldus VO-raad voorzitter Paul Rosenmöller.

Dit is een eerste reactie van de VO-raad op het zojuist verschenen regeerakkoord. Het bestuur van de VO-raad beraadt zich op een nadere uitgebreidere reactie. Deze volgt later.

Het kabinet zegt de positie van de leraar te versterken, maar vergeet daarbij de honderdduizend docenten in het voortgezet onderwijs die aan een miljoen leerlingen lesgeven. Voor deze groep wordt niets gedaan. Dit terwijl er in het VO net als in het basisonderwijs sprake is van een lerarentekort en hoge werkdruk.

De investering van 100 miljoen euro voor techniekonderwijs is belangrijk, maar geldt maar voor een kleine groep leerlingen. Daartegenover staat een dreigende bezuiniging van 183 miljoen euro (doelmatigheidskorting) voor het totale onderwijs. Als die naar rato wordt verdeeld over alle onderwijssectoren komt ongeveer 50 miljoen voor rekening van het voortgezet onderwijs. Dit betekent dan dat het gros van de scholen er op achteruit gaat. 

Paul Rosenmöller, voorzitter VO-raad: “Deze mogelijke bezuiniging is onverteerbaar. We zien inhoudelijke ambities van de sector in dit akkoord gesteund, maar middelen voor het antwoord op het lerarentekort en voor het versterken van het imago van het lerarenberoep blijven uit. Dat is een grote tegenvaller.” 

NRC: ‘Lerarentekort’ is nergens genoemd en dat is tekenend, zegt de sector