Steun vanuit school belangrijk voor leerlingen met zorgsituatie thuis

13 februari 2020

Een op de vijf middelbare scholieren woont samen met een langdurig ziek gezinslid. Deze leerlingen ervaren relatief vaker gezondheids- en psychosomatische klachten en schooldruk en scoren minder goed op levenstevredenheid. Dit blijkt uit een onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) en de Vrije Universiteit (VU) Amsterdam, dat op 11 februari is gepubliceerd. In het onderzoek wordt benadrukt dat voldoende steun - ook vanuit scholen en leraren - belangrijk is om de kwaliteit van leven en schoolprestaties van deze leerlingen te verbeteren.

Samenwonen met een gezinslid met een langdurige lichamelijke of psychische ziekte heeft grote impact op leerlingen, zo laat het onderzoek zien. Scholieren met een ziek gezinslid geven anderhalf keer zo vaak aan dat hun gezondheid slecht of redelijk is en geven hun leven iets meer dan een 7, terwijl jongeren die geen ziek gezinslid hebben bijna een 8 scoren. Ook ervaren zij vaker psychosomatische klachten - zoals slaapproblemen en vermoeidheid - en schooldruk. Deze leerlingen hebben vaak ook nog extra taken in het gezin, zoals schoonmaken, verzorging van het zieke gezinslid of het helpen van een broertje of zusje met huiswerk.

Specifiek wordt er in het onderzoek op gewezen dat bepaalde groepen leerlingen met een langdurig ziek gezinslid extra risico lopen op een lagere kwaliteit van leven. Het gaat hierbij om meisjes, oudere scholieren en scholieren die opgroeien in eenouder- en stiefgezinnen en gezinnen met een lage welvaart.

Rol scholen

In het onderzoek wordt benadrukt dat het belangrijk is dat scholieren met een zorgsituatie thuis steun krijgen en dat - naast familie en vrienden - ook scholen en leraren hier een rol in kunnen spelen. ‘Het is belangrijk dat onderwijsprofessionals zich er bewust van zijn dat dit soort problemen thuis kunnen spelen, zodat ze hierop in kunnen spelen’, zo schrijven de onderzoekers.

In een eerder gepubliceerd rapport van het NJi staan tips voor scholen op dit vlak. Het NJi ziet een belangrijke rol weggelegd voor leerlingbegeleiders, vertrouwenspersonen, mentoren en decanen. Zij kunnen via vragen achterhalen of een leerling thuis met een zorgsituatie te maken heeft en in hoeverre deze belastend is. Is dit het geval, dan kunnen leraren en anderen binnen de school worden ingelicht, zodat zij hier rekening mee kunnen houden. Indien een leerling dit wil kunnen leraren of anderen in de school hier met hen over praten en/of het in de klas bespreken; leerlingen vinden het vaak fijn om gezien te worden en zijn vaak opgelucht als men weet van de situatie en er begrip is voor waarom zij bijvoorbeeld niet altijd geconcentreerd zijn of hun huiswerk af hebben. Daarnaast kan de school ook praktische hulp bieden in de vorm van flexibele regelingen of leerbegeleiding. Bij aanzienlijke psychische, lichamelijke of sociale problemen kan het kernteam doorverwijzen naar het zorg- en adviesteam.

Meer informatie

Voor meer informatie over jonge mantelzorgers en tips, brochures en gereedschappen kunnen (onderwijs)professionals terecht op de website van de Landelijke Vereniging voor Mantelzorgers en Vrijwilligerszorg.

De studie is gebaseerd op een enquête die in 2017 is uitgezet onder scholieren in Nederland. Aan dit onderzoek deden 6500 respondenten van het voortgezet onderwijs mee, inclusief ruim 1200 met een langdurig ziek gezinslid.