Twijfels bij effecten halvering collegegeld

16 mei 2018

Het in het Regeerakkoord aangekondigde voorstel voor halvering van het collegegeld is op 26 april 2018 aangenomen door de Tweede Kamer na een debat op 24 april. De wijziging houdt in dat het collegegeld in het eerste jaar voor alle nieuwe studenten gehalveerd wordt, en in het geval van studenten aan de lerarenopleidingen ook in het tweede jaar. De VO-raad is positief over de wijziging, maar plaatst ook twee kanttekeningen. Het is belangrijk te richten op het behoud van leraren, niet enkel op de instroom bij lerarenopleidingen. Daarnaast zullen studenten van universitaire lerarenopleidingen pas vanaf 2021-2022 gebruik kunnen maken van het extra voordeel.

Omdat het lerarentekort in het voortgezet onderwijs de komende jaren verder zal toenemen, moeten de mogelijkheden om potentiële nieuwe leraren aan te trekken zoveel mogelijk benut worden. Het is van groot belang dat zoveel mogelijk mensen kiezen voor een lerarenopleiding - zowel vanuit opleidingen in tekortvakken als vanuit andere sectoren (zij-instromers) - en daarbij geen belemmeringen ervaren. De VO-raad is van mening dat de maatregel om het collegegeld te halveren een goede bijdrage kan leveren aan het verlagen van de drempel voor de lerarenopleiding. Deze maatregel is echter niet voldoende om het toenemende lerarentekort te ondervangen. 

Eerder heeft de Raad van State in een advies aan het kabinet aangegeven dat het verband tussen de hoogte van het collegegeld en het lerarentekort niet duidelijk is. De raad wijst erop dat het lerarentekort niet alleen wordt veroorzaakt doordat (te) weinig studenten een lerarenopleiding volgen, maar ook doordat leraren lang niet altijd in het onderwijs blijven werken. Daarom zijn meer maatregelen nodig om het lerarentekort terug te dringen. Mede in dat licht is de VO-raad dan ook eerder voorstander van een maatregel om leraren te behouden voor het onderwijs, door studenten die de lerarenopleiding afmaken en aan de slag gaan in het onderwijs bijvoorbeeld na vier jaar de helft van het collegegeld terug te betalen. De prikkel ligt dan niet bij het instappen bij lerarenopleidingen. 

De minister is niet ingegaan op de kritiek van de Raad van State en gaf tijdens het debat op 24 april aan dat de effecten van deze maatregel worden gemonitord en worden gepresenteerd in het eerste deel van 2019.  

Universitair opgeleide leraren

De VO-raad vindt het bovendien jammer dat de maatregel enkel geldt voor studenten die vanaf 2018-2019 voor het eerst beginnen aan een opleiding in het bekostigd hoger onderwijs. Dit betekent namelijk dat studenten van universitaire lerarenopleidingen pas in studiejaar 2021-2022 in aanmerking komen voor een extra jaar halvering collegegeld. De VO-raad heeft er daarom samen met de Interuniversitaire Commissie Lerarenopleidingen (ICL) bij de minister op aangedrongen ook studenten die komend studiejaar starten met een universitaire lerarenopleiding in aanmerking te laten komen voor het tweede jaar halvering van het collegegeld. 

Lees de oproep aan minister Van Engelshoven

Beide genoemde kanttekeningen zijn door de VVD-fractie ingebracht tijdens het voorbereidend onderzoek in de Eerste Kamer. Op 9 juli behandelt de Eerste Kamer dit wetsvoorstel plenair, inclusief eventuele stemmingen.