Recht op doorstromen van vmbo naar havo is niet in belang van leerling

11 januari 2017

De VO-raad is kritisch over het voorstel van staatssecretaris Dekker om een wettelijk doorstroomrecht voor vmbo-leerlingen naar havo in te voeren. Een dergelijk doorstroomrecht is niet in het belang van de leerling. Omdat de programmatische aansluiting tussen de curricula van het vmbo en het havo onvoldoende is, loopt een aanzienlijke groep vmbo-leerlingen het risico om voortijdig uit te vallen. Bovendien kan een doorstroomrecht tot uitholling van de beroepsroute vmbo-mbo leiden.

VO-raad voorzitter Paul Rosenmöller: ‘Het is natuurlijk goed om te stimuleren dat vmbo-leerlingen die een goede kans van slagen hebben op de havo doorstromen. Maar dat kan nu ook al. Zet niet de deur open voor alle leerlingen terwijl de aansluiting van vmbo op havo nog niet goed is. Vmbo is in eerste instantie voorbereidend op het mbo. Daar kan je prachtige opleidingen volgen met goede kansen op de arbeidsmarkt.’ 

Staatssecretaris Dekker reageert met zijn brief op de wens van de Tweede Kamer om in de wet een doorstroomrecht van vmbo-tl naar havo vast te leggen. Hij stelt voor wettelijk te regelen dat vmbo-leerlingen (gemengde en theoretische leerweg) zonder extra voorwaarden kunnen doorstromen naar het havo, als zij in ten minste één extra algemeen vormend vak op het vmbo eindexamen hebben gedaan. Hij wil dit laten ingaan in het schooljaar 2019-2020.  Ook wordt wettelijk vastgelegd dat scholen vmbo-leerlingen die naar het havo doorstromen niet mogen verbieden te doubleren. Daarnaast wil Dekker de komende jaren werken aan een betere aansluiting van de lesprogramma’s van de algemeen vormende vakken die worden gegeven op het vmbo gl en tl, op het havo.

De VO-raad is van mening dat de verbetering van de aansluiting moeten worden afgerond, voordat een doorstroomrecht kan worden ingevoerd. Ook pleit de VO-raad er voor om de effecten van de maatregelen op succesvolle doorstroom van leerlingen te monitoren.

Waardering voor de beroepsroute

Voor leerlingen is de keuze voor een vervolgopleiding na het vmbo een grote stap in de studieloopbaan. Het is belangrijk dat leerlingen reële kansen op succes binnen de vervolgopleiding hebben, of ze nu kiezen voor de beroepsroute vmbo-mbo of voor de vmbo-havo route. De VO-raad vindt dat de invoering van een doorstroomrecht vmbo-havo het beeld oproept dat (h)avo-onderwijs voor vmbo’ers de koninklijke route is. Dit strookt niet met waardering voor het beroepsonderwijs en vakmanschap. 

Overgangsperiode

Totdat het doorstroomrecht wettelijk is geregeld, geldt een overgangssituatie waarin de huidige regelgeving van kracht blijft. Voor de overgangsfase zullen schakelprogramma’s vmbo-havo worden ingericht. Deze worden met ingang van 1 augustus 2017 beschikbaar gesteld. 

De staatssecretaris roept vmbo- en havoscholen in zijn brief op om samen te blijven werken aan de inhoudelijke aansluiting. Ook vraagt hij aan havo-scholen om geen onnodige toelatingseisen te stellen. In een eerdere brief aan de staatssecretaris gaf de VO-raad al aan dat scholen het niet wenselijk vinden om nu terug te keren naar de situatie van voor de toelatingscode, toen veel havo-scholen verschillende toelatingseisen hanteerden voor vmbo’ers. Binnen de vereniging zullen we de komende tijd het gesprek voeren over de invulling van de overgangsfase. Daarnaast gaat de VO-raad in gesprek met de staatssecretaris over de consequenties van de invoering van het doorstroomrecht voor het toezicht én de extra middelen die scholen nodig hebben om in de bovenbouw een extra avo-vak aan te bieden.