Boekrecensie: Deep Democracy in de keertijd. Een gids voor moedige vernieuwers (Bouckaert)

Hoe je een cultuur van ‘wij’ bouwt zonder het ‘ik’ te verliezen

Recensent: Bert Peene, freelance docent en journalist voor o.a. Managementboek Magazine, het VO-magazine en de nieuwsbrief van de VO-academie

Eén van de vragen die iedere beroepsmatige lezer regelmatig bekruipt, is: wat heeft deze auteur de wereld te vertellen? Per jaar worden er ongeveer 2400 managementboeken uitgegeven. De meeste daarvan moeten zich tevredenstellen met (zeer) bescheiden verkoopcijfers. Van ongeveer tachtig procent – ruim 1900 stuks dus – worden hooguit 500 exemplaren verkocht. Voor het schrijven van een boek over een onderwerp dat verre van nieuw is, moet je dus toch het idee hebben dat alle beschikbare literatuur over jouw vakgebied nog niet alle vragen afdekt.

Dat laatste lijkt voor Sandra Bouckaert de aanleiding geweest te zijn om na ‘Als alle stemmen spreken’ (2023) opnieuw een boek over Deep Democray te schrijven. Ondanks dat de managementliteratuur door het werk van auteurs als Jitske Kramer en Frank Weijers inmiddels een aantal regelrechte klassiekers over dit onderwerp telt. Heeft ‘Deep Democracy in de keertijd’ de potentie om zich bij dat illustere gezelschap te voegen?

Bouckaert begint met wat je een rechtvaardiging zou kunnen noemen. Organisatievraagstukken worden complexer, omdat de wereld om ons heen ingewikkelder wordt, schrijft ze. Veranderingen volgen elkaar steeds sneller op en leiders en bestuurders hebben steeds vaker te maken met gevoelige kwesties die vaak ook nog op een gecompliceerde manier met elkaar samenhangen en op elkaar inspelen. Taaie vraagstukken dus. Daar kun je volgens Hans Vermaak best plezier aan beleven (Vermaak 2009), maar eenvoudig is dat niet. Want het vertrouwde veranderrepertoire schiet tekort; een standaardaanpak is er niet. Als je taaie vraagstukken oppakt, moet je volgens Vermaak op twee fronten werken: vernieuwd bezig zijn en tegelijk blokkades slechten om meer ruimte te maken voor vernieuwing.

Een van die blokkades is ons typisch Westerse geloof in de werking van de ratio. Als er besluiten moeten worden genomen waarover de meningen nogal uiteenlopen, nemen we onze toevlucht al snel tot uitleggen, toelichten en beargumenteren; net zo lang tot iemand het laatste woord heeft en de rest zwijgt. De Deep Democracy-filosofie leert echter dat we niet alleen de ratio moeten inzetten, maar ook moeten luisteren naar onze emoties en die van anderen, naar onze intuïtie en ons bewustzijn om alle signalen die van belang zijn, op te kunnen pikken en wijs te handelen. Waar spelen en fixeren met interacties, cognities, procesontwerp en procesankering volgens Vermaak de meest geëigende manier is om taaie vraagstukken aan te pakken, kiest Bouckaert voor de principes van Deep Democracy. Die zijn volgens haar bij uitstek geschikt om ons allemaal, maar ‘leiders in het bijzonder’, te helpen de juiste skills te ontwikkelen om effectief om te kunnen gaan met taaie vraagstukken. De zijn vraagstukken als: hoe ga je op je mbo-school om met een game-changing verkiezingsuitslag, wie reken ik tot de klanten van mijn onderwijsorganisatie en hoe houd ik voldoende met hun wensen rekening?

In haar tweede boek diept Bouckaert Deep Democracy verder uit en vult zij de theorie aan met perspectieven uit de Chinese, Afrikaanse, Indiase en boeddhistische traditie om ‘een meer inclusieve en non-dualistische manier van denken te introduceren.’Ze doet dat vanuit de gedachte dat Deep Democracy focust op het vergroten van het bewustzijn door alle stemmen, ook die van minderheden, binnen een systeem te herkennen en te waarderen. Dat geldt dus ook voor die nieuwe perspectieven. In de eerste vijf hoofdstukken schrijft ze onder meer over hoe je van polarisatie naar constructief conflict kunt komen, hoe je conflicten begeleidt met de stappen van het Niet Gevoerde Gesprek – een bekende Deep Democracy-tool – hoe je aan een organisatiecommunity bouwt en hoe je dienend leiderschap kunt ontwikkelen. Voor wie zich al eens in de literatuur over Deep Democracy heeft verdiept, zullen deze hoofdstukken waarschijnlijk niet veel nieuws bevatten. De genoemde nieuwe perspectieven ten spijt.

Interessanter zijn de tools en oefeningen die vooral in de volgende hoofdstukken te vinden zijn. ‘Deep Democracy in de keertijd’ is niet enkel een theoretisch-filosofisch ingestoken boek; Bouckaert geeft ook directe en praktische toepassingsmogelijkheden voor leiders en begeleiders. Die zijn onder meer bedoeld ‘om het vertrouwen te vergroten en te werken met verschillende bewustzijnslagen’, om te werken in jezelf om te groeien als facilitator en om groepen diepdemocratisch te leiden en faciliteren. Al die handreikingen hebben één ding gemeen: ze moeten helpen weg te bewegen van het ‘ik, alles, nu-paradigma’. Het ‘ik’ moet in het ‘wij’ worden opgenomen, aldus Bouckaert. Dat is het uiteindelijke doel van Deep Democracy.

‘Deep Democracy in de keertijd’ is geen boek voor beginners, maar voor die hard-Deep Democracyfans. Waar de meeste boeken over de methodiek die door het echtpaar Myrna en Greg Lewis tot een wereldwijd succes is gemaakt, behoorlijk praktisch van karakter zijn, trakteert Bouckaert haar lezers op een flinke hoeveelheid food for thought. Je moet er echt even voor gaan zitten. In die zin voegt haar boek dus wel iets toe aan de literatuur die de laatste jaren over de Lewis-methodiek verschenen is. Of het ook de status van klassieker zal krijgen, moet de tijd uitwijzen.

Recensent: Carin Gabriels, afdelingsleider Pieter Zeeman Lyceum, Zierikzee

Hoe kun je als leidinggevende een conflict boven water krijgen en oplossen en wat betekent dit dan voor jou? Voor deze vragen is dit boek zeker een echte aanrader!

De auteur borduurt in dit boek voort op het oorspronkelijke boek Deep Democracy (hierna: DD) van Myrna Lewis. De keerzijde ziet ze als het moment waarop radicale culturele veranderingen plaatsvinden. Ze plaatst DD in het huidige tijdgewricht waarbij ze kijkt naar de invloed van social media op het individu, polarisatie en de grote onzekerheden van deze tijd (milieu) hierop.

Hierbij geeft ze aan dat er aandacht moet zijn voor zowel groepsconflicten als voor intrapsychische conflicten van het individu gezien de samenhang ertussen. Ook moet er aandacht zijn voor culturele verschillen in de wijze waarop conflicten gezien worden en ermee omgegaan wordt. Daarnaast wordt de invloed benoemd van de mate van machtsafstand in het omgaan met conflicten.

De les die meegegeven wordt aan leidinggevende is in ieder geval: zie de afwijkende mening niet als obstakel, maar een cadeautje om te kunnen verbeteren. Heb dus het lef om te luisteren en durf je te verdiepen in het perspectief van de ander. Hierbij is de auteur ook realistisch in hoe moeilijk het is om dit te doen en om neutraal te zijn en te blijven.

In het boek worden concrete handvatten gegeven voor verschillende technieken van DD: Het Niet Gevoerde Gesprek of het Gesprek op Voeten.

Het boek breekt een lans voor het hebben van echte aandacht door reflectie op je rol als leidinggevende en facilitator. Hierbij is het belangrijk om je bewust te zijn van en aandacht te hebben voor je eigen ‘ikken’ (zie: Voice Dialogue).

PS: mocht je nog niet bekend mee zijn met het oorspronkelijke boek Deep Democracy, neem dan vooral de moeite om ermee bekend te worden.