13 november 2018

Zittenblijven past niet bij de koers van het havoteam van het Odulphuslyceum in Tilburg, dat sinds vier jaar werkt aan formatief lesgeven en toetsen. Gaandeweg is er een passende werkwijze ontwikkeld die leerlingen zo goed mogelijk voorbereidt op het volgende schooljaar. Cobine Ramaekers, leerlingcoördinator havo onderbouw, licht de werkwijze toe. “We geven leerlingen en ouders veel verantwoordelijkheid.”

Zo maken leerlingen die er (voor bepaalde vakken) niet goed voorstaan samen met hun ouders en de mentor zelf een plan om de onderwijsresultaten te verbeteren. Wat moet je daarvoor doen en welke ondersteuning heb je daarbij nodig? Na zes weken wordt dit plan geëvalueerd en op basis daarvan voortgezet of beëindigd. “Dit doen we maximaal twee keer per jaar,” zegt Ramaekers, “want als het twee keer niet werkt, is de leerling blijkbaar niet bij machte om de verbetering in te zetten of kunnen wij niet de juiste ondersteuning bieden.”

Havocijfer

In het plan staat bijvoorbeeld dat de leerling gaat deelnemen aan de verlengde schooldag. Ramaekers: “Leerlingen die meer tijd of ondersteuning nodig hebben kunnen elke dag vrijwillig tot 17 uur op school individueel of in groepjes werken. Er zijn in die ruimte ook vakdocenten aan het werk waar de leerlingen een beroep op kunnen doen.”

Verder kunnen leerlingen toetsen herkansen, bij sommige vakken zo vaak als nodig is. “Dat is inherent aan de formatieve aanpak”, zegt Ramaekers. “We toetsen niet om de leerling te beoordelen, maar om vast te stellen waar hij aan moet werken om de volgende stap te kunnen maken. Elke toets – groot of klein – weegt even zwaar en we werken niet met een rekenkundig gemiddelde.”

In plaats daarvan krijgen leerlingen voor elk vak een zogenoemd ‘havocijfer’. Dat is een prognosecijfer, waarmee de docent aangeeft: ik verwacht dat jij met jouw kwaliteiten en je huidige inzet aan het eind van het schooljaar op dit niveau zult zitten. Het havocijfer wordt in de loop van het jaar regelmatig aangepast en is aanleiding om met de leerling te praten over zijn ontwikkeling. “Transparantie staat bij ons hoog in het vaandel”, zegt Ramaekers. “Leerlingen zijn continu op de hoogte van hun niveau en leren gaandeweg het jaar steeds beter naar zichzelf te kijken en vast te stellen wat ze nodig hebben om goede resultaten te behalen.”

 

Je neemt samen besluiten, niet alleen rond de overgang, maar gedurende het hele schooljaar

Advies

Twee keer per jaar, in januari en aan het eind van het schooljaar, krijgen de leerlingen een gezamenlijk advies van de vakdocenten. “Wij geloven niet in doubleren, dus dat advies geven we alleen in uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld bij ziekte”, vertelt Ramaekers. “Wel kan een leerling in januari het advies krijgen om zich te oriënteren op vmbo-scholen. Als de leerling dan aan het eind van het schooljaar het advies krijgt om naar het vmbo over te stappen, komt dat niet uit de lucht vallen.”

Eén keer tijdens de havo-loopbaan kan de leerling het advies naast zich neerleggen. Ramaekers: “Dan moeten leerling en ouders samen een plan maken waarin ze aangeven hoe we als school kunnen helpen en hoe de leerling ervoor gaat zorgen dat het hem in het volgende leerjaar wél gaat lukken.”

Spannend

Dat de school leerling en ouders deze verantwoordelijkheid geeft, vinden zowel ouders als leerlingen soms best spannend, vertelt Ramaekers. “Maar het versterkt het eigenaarschap van de leerlingen en heeft een positief effect op hun werkhouding. Ook draagt het bij aan een goede relatie tussen school en ouders. Je neemt samen besluiten, niet alleen rond de overgang, maar gedurende het hele schooljaar.”

Meer informatie
Cobine Ramaekers
cramaekers@odulphus.nl