Kamer beducht op verschraling onderwijsaanbod en kansenongelijkheid door wetsvoorstel ouderbijdrage

26 september 2019

Tijdens het Kamerdebat over het wetsvoorstel rond de vrijwillige ouderbijdrage op 25 september jl., was er veel aandacht voor het pleidooi van de VO-raad om extra onderwijsprogramma’s buiten dit wetsvoorstel te laten. Ook in de Tweede Kamer zijn er zorgen dat het wetsvoorstel anders negatieve gevolgen kan hebben voor de kansengelijkheid en het onderwijsaanbod op scholen. De VO-raad stuurde hierover in aanloop naar het debat een brief aan de Kamer.

In deze brief geeft de VO-raad aan de geest van het wetsvoorstel te ondersteunen. Dit wetsvoorstel - ingediend door de SP en GroenLinks - regelt dat scholen kinderen wier ouders de ouderbijdrage niet betaald hebben, niet langer mogen uitsluiten van extra activiteiten (die buiten het verplichte onderwijsprogramma vallen) of een alternatieve activiteit mogen opleggen. Tijdens de Algemene Ledenvergadering van november 2018 hebben de leden van de VO-raad onderling al soortgelijke afspraken gemaakt

Scholen vragen echter een uitzondering te maken voor onderwijsinhoudelijke programma’s en in het bijzonder voor tweetalig onderwijs (TTO). Als voor deze programma’s ook gaat gelden dat iedere leerling - ongeacht het wel of niet betalen van een ouderbijdrage - hieraan moet kunnen deelnemen, dan is het waarschijnlijk dat veel van dit inhoudelijke onderwijsaanbod ophoudt te bestaan. Steeds minder ouders zullen de bijdrage betalen, omdat het voor deelname toch geen consequentie heeft, er wordt immers geen verschil gemaakt tussen niet kunnen of niet willen betalen. Scholen kunnen dit aanbod dan niet meer financieren, de lumpsum voorziet hier niet in. Dit betekent een forse verschraling van het onderwijsaanbod, waar ook de Raad van State voor waarschuwt in zijn advisering over het wetsvoorstel.

Omdat de behoefte aan deze extra onderwijsprogramma’s groot is en blijft bestaan, ook als het reguliere onderwijs ze niet meer kan financieren, valt te verwachten dat het privéonderwijs in dit gat in de markt springt. Dit is vanuit het perspectief van kansengelijkheid zeer ongewenst.

De VO-raad bepleit daarom dat in het wetsvoorstel een uitzondering gemaakt wordt voor de extra onderwijsprogramma’s, om kansengelijkheid te bevorderen en verschraling van het aanbod te voorkomen. Tijdens het Kamerdebat op 25 september was dit ook een belangrijk onderwerp en gaven bijna alle partijen aan nog vragen te hebben over deze mogelijke verschraling. De facties willen van de indieners van het voorstel weten hoe dit in relatie tot het huidige voorstel tegengegaan kan worden.

Vervolg

De Kamer is in afwachting van de beantwoording van de gestelde vragen; onduidelijk is nog wanneer dit zal gebeuren. De Kamer kan (daarna) nog amendementen indienen ter wijziging van het wetsvoorstel.

De fracties van de SP, GroenLinks, PvdA en D66 gaven aan voor het wetsvoorstel te gaan stemmen. VVD, CDA en PVV lieten dit vooralsnog in het midden. Wellicht kan het wetsvoorstel, al dan niet na aanpassing middels amendementen, rekenen op een meerderheid.

De VO-raad zal u op de hoogte houden van de ontwikkelingen rond het wetsvoorstel. 

Via de website van de Tweede Kamer kunt u het debat terugkijken en/of het stenoverslag lezen