Het lerarenregister schiet zijn doel voorbij en dreigt vooral een technisch-bureaucratische exercitie te worden die ver afstaat van de leraren in de klas en van de praktijk binnen scholen. Dat stelt de Onderwijsraad in een vandaag gepubliceerd advies, waarin de raad zijn zorgen uit over hoe het lerarenregister vorm krijgt. De Onderwijsraad benadrukt dat het oorspronkelijke doel van het register voorop moet blijven staan: een garantie dat leraren bekwaam zijn en blijven.

Lees het hele adviesrapport van de Onderwijsraad

De Onderwijsraad beschrijft in zijn adviesrapport diverse zorgen bij hoe het register vorm krijgt. De belangrijkste zorg van de raad is ‘dat bij de voorgenomen structuur en besluitvormingsprocedures rondom het register de aandacht verschuift naar administratieve handelingen in plaats van daadwerkelijk bekwaamheidsonderhoud. Dat versterkt de negatieve sfeer rondom het register en kan betekenen dat het register in onvruchtbare aarde landt. Daarnaast heeft de raad als zorg dat bepaalde randvoorwaarden om het beoogde doel te halen, niet op orde zijn’.

Vereenvoudiging register

De Onderwijsraad is voorstander van de invoering van het lerarenregister, maar pleit voor een eenvoudige uitwerking van het register. Dat zou bijvoorbeeld kunnen door voor herregistratie te werken met portfolio’s. Ook adviseert de raad om de bekwaamheidseisen goed te formuleren, zodat duidelijk is wat van een leraar verwacht mag worden. Hoe hij zijn bekwaamheid onderhoudt, hoort bovendien goed afgestemd te worden op de situatie in de eigen school en op het schoolbeleid, aldus de Onderwijsraad. Een belangrijke aanbeveling van de raad is dan ook om werkgevers eerder en meer te betrekken bij herregistratie van een leraar. Ten slotte vindt de Onderwijsraad dat het ICT-systeem voor het lerarenregister pas gebouwd kan worden als de criteria voor herregistratie duidelijk zijn.

Herkenning

De VO-raad staat positief tegenover een betekenisvol lerarenregister, als stimulans en hulpmiddel voor leraren om te blijven werken aan professionele ontwikkeling en om het gesprek hierover aan te gaan met hun werkgever. Net als de Onderwijsraad stelt de VO-raad dat de meerwaarde van het register aanzienlijk wordt vergroot als het verbonden wordt met school- en teamontwikkeling en aansluit bij de praktijk binnen scholen. De VO-raad herkent in het rapport van de Onderwijsraad de zorgen over (de implementatie van) het register die eerder – samen met de PO-Raad en MBO Raad – onder de aandacht zijn gebracht van politiek, overheid en Onderwijscoöperatie. 

Regeerakkoord

Het rapport van de Onderwijsraad komt op een interessant moment. Voor het nieuwe kabinet is de betrokkenheid en het eigenaarschap van de beroepsgroep een ‘harde voorwaarde’ in de verdere uitwerking van het register, zoals in het nieuwe Regeerakkoord is opgenomen. De Onderwijsraad wijst met zijn advies op brede(re) set randvoorwaarden die voor een betekenisvolle implementatie van het lerarenregister van belang zijn. De VO-raad ziet dan ook met belangstelling uit naar de reactie van het kabinet op de aanbevelingen van de Onderwijsraad.