Verslechtering mentale gezondheid jongeren en toename schooldruk

15 september 2022

Nederlandse jongeren tussen 11 en 16 jaar ervaren fors meer mentale problemen en druk door schoolwerk dan hun leeftijdsgenoten in de afgelopen twintig jaar. Met name onder meisjes is de mentale gezondheid in de periode 2017-2021 sterk verslechterd. Deze verslechtering hangt waarschijnlijk voor een aanzienlijk deel samen met de coronacrisis. Dit concluderen onderzoekers van het HBSC-onderzoek (Health Behaviour in School-aged Children), dat sinds 2001 elke vier jaar onder scholieren plaatsvindt. Ook is de levenstevredenheid van jongeren nog nooit zo laag geweest.

Tussen 2017 en 2021 is het percentage meisjes in het voortgezet onderwijs met emotionele problemen gestegen van 28 naar 43%. Onder meisjes uit groep 8 nam dit in deze periode toe van 14 naar 33%. Meisjes rapporteren in 2021 niet alleen veel meer emotionele problemen dan vier jaar eerder, maar ook meer gedragsproblemen en hyperactiviteit/ aandachtsproblemen. Ook onder jongens is de mentale gezondheid gedaald. Zo is het cijfer dat zowel meisjes als jongens voor hun leven geven, nog nooit zo laag geweest als in 2021: gemiddeld 7,1. Terwijl dit cijfer in eerdere jaren ruim 7,5, en in 2001 zelfs een 8 was. 

Druk door schoolwerk in 20 jaar verdriedubbeld

Net als tussen 2013 en 2017 is in de periode 2017-2021 het percentage leerlingen dat druk door schoolwerk ervaart aanzienlijk toegenomen. In de afgelopen 20 jaar is dit percentage zelfs verdriedubbeld. In 2001 gaf slechts 16% van de jongeren in het vo aan dat zij (nogal) veel druk ervaren door schoolwerk. In 2021 is dit opgelopen tot 45%. Ook hier is de ontwikkeling voor meisjes ongunstiger dan voor jongens. 

Invloed van de coronacrisis

De onderzoekers noemen het aannemelijk dat de mentale gezondheid onder (vooral) meisjes voor een aanzienlijk deel samenhangt met de coronacrisis. Ze benadrukken echter dat de crisis waarschijnlijk slechts een katalysator is geweest van een al bestaande maatschappelijke ontwikkeling naar een hogere prestatiedruk.

Voorzitter van de VO-raad Henk Hagoort gaf tijdens de presentatie van het onderzoek aan dat de groeiende prestatiedruk herkend wordt in het onderwijs. De maatschappelijke druk op leerlingen om maar zo hoog mogelijk uit te komen, is groot. Hagoort gaf aan dat dat deels buiten de invloedsfeer van het onderwijs ligt, maar dat het onderwijs zelf ook kan bijdragen aan verlaging van de druk op leerlingen, door bijvoorbeeld minder te richten op (op korte termijn) presteren en cijfers en door de toetsdruk te verlagen. Ook gaf Hagoort aan dat scholen, met name sinds de coronacrisis, de mentale problematiek onder leerlingen zien toenemen. Dat is ook de reden dat vrijwel alle scholen een deel van de NPO-middelen besteden aan interventies die hierop gericht zijn. 

Goede sociale relaties 

Al vanaf de eerste meting in 2001 vallen jongeren in Nederland op door hun goede sociale relaties met hun ouders, klasgenoten en vrienden. Dat is in 2021 nog steeds zo. Het percentage jongeren dat aangeeft heel gemakkelijk met hun vader, moeder of beste vriend(in) te kunnen praten is in 2021 bijvoorbeeld even hoog als in 2017. Wel zijn meisjes in het vo tussen 2017 en 2021 wat minder positief geworden over de steun van vrienden, de sfeer tussen klasgenoten, en hun relatie met leraren. Ook het percentage jongeren dat aangeeft vaak online te pesten of gepest te worden is toegenomen tussen 2017 en 2021. Voor meisjes op de basisschool is het percentage dat aangeeft vaak online gepest te worden bijvoorbeeld gestegen van 1 naar 6%. In dezelfde groep is het percentage problematisch socialemedia-gebruikers tussen 2017 en 2021 gestegen van 2 naar 5%. 

 

Podcast 

 

In een podcast gingen hoofdonderzoeker Gonneke Stevens en voorzitter VO-raad Henk Hagoort in gesprek over de bevindingen in het HBSC onderzoek. Wat is er voor nodig om jongeren beter te ondersteunen en wat kunnen scholen en docenten doen? 

 

Over het HBSC-onderzoek
Het HBSC-onderzoek wordt sinds 2001 elke vier jaar uitgevoerd door onderzoekers van de Universiteit Utrecht, het Trimbos-instituut en het Sociaal en Cultureel Planbureau. In het HBSC-rapport 2021 komen ook andere thema’s aan bod, zoals eetgedrag, bewegen, seksueel gedrag en gamen. Voor alle thema’s worden verschillen naar leeftijd, geslacht, opleidingsniveau, migratieachtergrond, gezinsvorm en gezinswelvaart bestudeerd.