Wetsvoorstel pseudonimisering leerlinggegevens naar Tweede Kamer

15 juni 2017

Minister Bussemaker van OCW heeft deze week het wetsvoorstel ‘pseudonimisering leerlinggevens’ naar de Tweede Kamer gestuurd. Het wetsvoorstel regelt dat voor iedere leerling een pseudoniem (keten ID) mag worden gemaakt gebaseerd op het persoonsgebonden nummer (PGN). Dit nummer gebruikt iedere school nu al voor de uitwisseling van gegevens met DUO.

Lees het wetsvoorstel pseudonimisering leerlinggegevens
Lees de brief van Edu-K aan de Tweede Kamer over het wetsvoorstel

Naast het pseudoniem wordt afgesproken welke standaardgegevensset naast het pseudoniem mag worden uitgewisseld. Denk aan de voornaam, achternaam en e-mailadres.

Voordeel gebruik pseudoniem

Door te werken met dit pseudoniem, in combinatie met een beperkte en gestandaardiseerde set leerlinggegevens, kan het onderwijs op een zo veilig mogelijke manier gebruik maken van de kansen van digitaal leermateriaal. Bovendien draagt deze werkwijze bij aan een efficiënte informatie-uitwisseling wanneer een leerling van school wisselt.

Bussemaker: school zelf verantwoordelijk voor privacy

In een nader rapport bij het wetsvoorstel pseudonimisering reageert minister Bussemaker op het advies van de Raad van State. Volgens de Raad van State zou het wetsvoorstel te weinig duidelijkheid bieden over aanvullende persoonsgegevens in combinatie met het gebruik van het pseudoniem. Het advies is om aanvullende gegevens te verstrekken op het niveau van een algemene maatregel van bestuur (AMvB). Bussemaker onderschrijft het belang van helderheid en transparantie maar vindt het nu nog niet nodig om extra voorwaarden te stellen. Scholen zijn zelf verantwoordelijk voor het zorgvuldig omgaan met de gegevens.

Uit de wet pseudonomisering en de reactie van Bussemaker blijkt dat de insteek is om enige flexibiliteit te behouden. Deze flexibiliteit is van belang gezien de snelle digitale ontwikkelingen maar ook de ontwikkelingen binnen het onderwijs. Met de ontwikkeling naar meer maatwerk per leerling en het faciliteren van doorlopende leerlijnen kan het voorkomen dat de geldigheidsduur van een pseudoniem langer wordt gewenst dan nu het geval is.