Pensioenopbouw tijdens aanvullend geboorteverlof

14 oktober 2020

Sinds 1 juli 2020 hebben partners recht op maximaal vijf weken (vijf keer het aantal werkuren per week) aanvullend geboorteverlof. Tijdens dit verlof krijgt de partner geen salaris, maar een uitkering van het UWV (70 procent van het maximale dagloon).

Ten aanzien van pensioenopbouw en premieafdracht tijdens het aanvullend geboorteverlof geldt het volgende:

In het pensioenreglement van ABP is opgenomen dat indien er sprake is van ziekte, verlof of indien een werknemer om andere persoonlijke redenen minder salaris ontvangt, onder het pensioengevend inkomen wordt verstaan: het inkomen dat voor hem zou hebben gegolden als die omstandigheid zich niet zou hebben voorgedaan. Bij het opnemen van aanvullend geboorteverlof blijft het oorspronkelijke salaris dus het pensioengevend inkomen.

Over dit oorspronkelijke pensioengevend inkomen wordt dan ook pensioenpremie afgedragen. De premieverdeling tussen werknemer en werkgever blijft tijdens het opnemen van het aanvullend geboorteverlof gelijk. De werkgever verhaalt het werknemersdeel van de pensioenpremie zoals gebruikelijk op de werknemer.