Het Fons Vitae in Amsterdam nam deel aan het driejarige project 'Professionele leergemeenschappen’ (2014-2017) van de VO-raad en Onderwijscoöperatie. In onderstaand portret vertelt Nicole Voorn, afdelingsleider van het Fons Vitae en projectleider van het PLG-project, over hun aanpak en wat het de school heeft opgeleverd. "Wat me professioneel verrast heeft, is dat we als school over onderwijs zijn gaan praten, buiten de waan van de dag."

Context van het Fons Vitae
Het Fons Vitae is een levendige school voor havo, atheneum en gymnasium in Amsterdam-Zuid. De school biedt leerlingen een gedegen basisprogramma met veel mogelijkheden om de horizon te verbreden. Ook helpt de school leerlingen bij het ontdekken en optimaal ontwikkelen van hun interesses, talenten en sociale en intellectuele competenties.

 

Oorsprong

Nicole Voorn vertelt over de oorsprong van het project 'Professionele leergemeenschappen'. Op verschillende manier merkten we dat de manier van professionaliseren niet meer werkte. Iedere keer een externe inhuren. We waren zo eigenwijs om te denken: dat kunnen we zelf beter en dat moet ook samen!

Ten tijde van de aanvraag voor deelname aan het project hadden we net twee jaar van het project leerKRACHT achter de rug. Het eerste jaar in pilotvorm onder leiding van stichting leerKRACHT; het tweede jaar op eigen kracht in een eigen, aangepaste vorm van het leerkringprincipe.

De definitie van een professionele leergemeenschap, geformuleerd in de doelstellingen van het PLG-project, sloot goed aan bij de manier waarop wij in de destijds vijf leerKRACHTgroepen werkten. Wij wilden deze werkwijze graag breder ingezet zien in de school en tegelijkertijd het leerKRACHTproject uitbreiden en internaliseren binnen de school. We zagen dat het project van PLG’s een kans bood om de ideeën van LeerKracht breder in de school te verspreiden.

Proces

We hebben ingezet op een aantal interventies om toe te werken naar de school als professionele leergemeenschap. Naast het hierboven genoemde LeerKRACHT willen we bewust aandacht hebben voor talent in onze school. Als managementteam (rector, plaatsvervangend rector en vijf afdelingsleiders) zijn we van mening dat de inhoudelijke professionaliteit niet altijd bij de leidinggevende zit. Met strategisch HRM hebben we een instrument dat ons helpt om de talenten van docenten zichtbaar te maken en in te zetten.

In de structuur hebben we de dinsdagmiddag vrijgemaakt om met en van elkaar te leren. Deze structuur helpt bij het borgen van de diverse vormen van samenwerking en geeft rust in de school. Wel vindt een aantal van de collega’s de strakke indeling van de middag inmiddels bezwaarlijk en zouden ze liever de tijd zelf, naar eigen goeddunken indelen, uiteraard wel werkend aan dezelfde samenwerkingsdoelen.

Gedeeld leiderschap

Tijdens de projectperiode hebben we onze visie geherformuleerd. Het resultaat is dat we onze stip aan de horizon scherper zien en dat er draagvlak is onder de docenten. De visie is in samenspraak met hen tot stand gekomen. Om tot een bijgewerkte visie te komen, hebben we het curriculaire spinnenweb van het SLO gebruikt. Onze kernkwaliteiten hebben we weer expliciet gemaakt en het vraagt voortdurend investeren om deze levend te houden. Aan de visie hebben we strategisch HRM gekoppeld. Voor ons is dat niet een loze kreet: inzetten op strategisch HRM heeft gevolgen voor het handelen van het managementteam.

We creëren congruentie op het Fons Vitae door het curriculaire spinnenweb ook voor te leggen aan de secties. We vragen hen de sectieplannen op basis hiervan te herschrijven. We zien daarin meer samenhang ontstaan. Het geeft ons meer inzicht in de plannen, omdat het op eenzelfde manier is opgebouwd.

Een goed voorbeeld van gedeeld leiderschap is de introductie van de begaafdheidsprofielschool. Als managementteam wilden we dat dit er zou komen. Nu we het predicaat hebben, is voor ons de vraag: is er draagvlak? In gesprek met een van de docenten in de onderbouw kijk ik nu hoe we het kunnen verbreden in de school. Het is een cultuuromslag op het Fons Vitae dat het managementteam niet altijd met de ideeën komt. We willen juist een wij-zij-denken voorkomen.

De cultuuromslag zie ik ook voor mijn rol als afdelingsleider. Ik moet meer loslaten, op mijn handen gaan zitten. Door mijn enthousiasme over onderwijsontwikkeling wil ik graag inhoudelijk meedenken. Dat kan uiteraard en ik moet opletten dat het niet de professionele ruimte van de docent inperkt. Het blijft balans zoeken tussen het begeleiden van het proces en inhoudelijke input geven.

Als managementteam hebben we daarover wel gesproken, maar niet structureel. Door een brand op een van de locaties vlak voor de zomer van 2017, is dat op een laag pitje gekomen. We hebben nu andere prioriteiten. En, daar ligt nog een wens om echt inhoudelijk de verdieping te zoeken op het gebied van gedeeld leiderschap.

Professionele ruimte

Docenten krijgen meer ruimte om hun inhoudelijke expertise op te pakken. Zo is een van de docenten verantwoordelijk voor het ICT-beleid in de school. Hij mag nu zelf uitdenken wat passend is voor de onderwijsontwikkeling. Hij heeft ook een eigen budget en mag hard- en software bestellen. Ik zie dat hij veel meer in zijn kracht komt. En ik ben ervan overtuigd dat je een fijnere en kwalitatief betere school krijgt wanneer je talenten van medewerkers benut.

Bij de stichting leerKRACHTgroepen zie ik kartrekkers opstaan. Zij zijn weer een inspirerend voorbeeld voor collega’s. Omdat ze op inhoudelijk gezag iets inbrengen of omdat collega’s een groot vertrouwen in hen hebben. Op een natuurlijke manier ontstaat zo een proces van verandering. Het helpt als wij verbindingssessies organiseren, waar docenten samen kunnen leren.

Wat me professioneel verrast heeft, is dat we als school over onderwijs zijn gaan praten, buiten de waan van de dag. Docenten zien er het nut van in. We zijn meer kennis gaan delen. Wat ik jammer vind, is dat de formele titel van teacher leader niet van de grond is gekomen. Dat was voor mij een logische stap geweest.

Advies voor andere scholen

Het project 'Professionele leergemeenschappen' heeft ons een schat aan inzichten en bouwstenen opgeleverd. We hebben de volgende bouwstenen geformuleerd die een doorslaggevende factor zijn gebleken voor succes. Eigenlijk is het een puntsgewijze samenvatting van het project:

  • Organiseer (thematische) leerkringen en maak leren zichtbaar;
  • Faciliteer in tijd en ruimte: wij hebben dat op dinsdagmiddag vormgegeven;
  • Zorg voor een duidelijke, concrete visie die ook dagelijks wordt geleefd en voer regelmatig een visiecheck uit;
  • Deel verantwoordelijkheid en zeggenschap: dit gaat vooral over gedeeld leiderschap en professionele ruimte van docenten. Belangrijk is dat de doelen en verwachtingen helder zijn en daarna begeleiden wij het proces. We hebben te vertrouwen op de professionaliteit van de leraar.
     

Dit portret is onderdeel van een serie ter afsluiting van het project ‘Professionele leergemeenschappen’ van de VO-raad en Onderwijscoöperatie. Wilt u meer horen over de aanpak en ervaringen van de deelnemende scholen en met hen in gesprek gaan? Op 5 april vertellen zij over hun ervaringen op het PLG-symposium in Amsterdam.