02 mei 2018

Wat is de reden dat de VO-raad overgaat tot deze ongebruikelijke stap?

De VO-raad vindt dat de onderhandelingen over een nieuwe cao veel te lang duren. In oktober 2017 is het overleg gestart en op 20 februari 2018 hebben de vakbonden de onderhandelingen stopgezet. Sindsdien hebben er geen enkele ontwikkelingen plaatsgevonden die uitzicht bieden om alsnog tot nieuwe cao-afspraken te komen.

De VO-raad heeft de onderwijsbonden daarom opgeroepen om de impasse in het cao-overleg te doorbreken en weer aan de onderhandelingstafel plaats te nemen om afspraken te maken over een marktconforme salarisverhoging in 2018 en over de wijze waarop meer ontwikkeltijd en minder werkdruk voor leraren is te realiseren. De VO-raad heeft daartoe de uiterlijke datum van 1 mei 2018 gesteld.

Inmiddels is deze termijn verstreken en hebben de bonden geen gehoor gegeven aan onze oproep. Het bestuur van de VO-raad wil nu dan ook niet langer afwachten. Onze medewerkers in het voorgezet onderwijs verdienen een loonsverhoging. De middelen (2,35%) daarvoor zijn beschikbaar en de VO-raad ziet geen goede reden om de uitgave daarvan voor onbepaalde tijd uit te stellen.

Bovendien is het van belang dat de inkomensontwikkeling meegroeit met de markt (die is door het CPB geraamd op 2,2% in 2018). Dat is nodig om het beroep van leraar aantrekkelijk te houden en ook in de toekomst mensen te laten kiezen voor het voortgezet onderwijs. De noodzaak daartoe neemt alleen maar toe, zeker gezien het oplopende lerarentekort.

Zijn werkgevers verplicht deze loonsverhoging door te voeren?

Juridisch gezien zijn werkgevers niet verplicht om gehoor te geven aan de oproep van het bestuur van de VO-raad, er is immers geen sprake van een cao-afspraak. Het bestuur is echter, mede na advies van de Ledenadviesraad (LAR), van mening dat de loonsverhoging recht doet aan de rol en verantwoordelijkheid van schoolbesturen als goede werkgever. De middelen zijn beschikbaar en we willen de werknemers niet langer laten wachten op een inkomensverbetering. De situatie is technisch gezien vergelijkbaar met die ten tijde van het Loonakkoord (2015). Toen heeft de VO-raad ook een dergelijke aanbeveling gedaan en hebben alle besturen de geadviseerde loonsverhoging uitgekeerd.

Welke rol heeft de P-MR in deze maatregel?

De P-MR komt een instemmingsrecht toe als het gaat om vaststelling of wijziging van beleid met betrekking tot de toekenning van salarissen, toelagen en gratificaties aan het personeel. Van beleid is echter pas sprake als het gaat om regelingen of voorzieningen die herhaald worden toegepast. Het betreft hier een eenmalig besluit, er is dus geen sprake van beleid. De P-MR heeft om die reden geen formeel instemmingsrecht, maar het is uiteraard wel raadzaam om de P-MR goed te informeren over de voorgenomen salarisverhoging.

Wat moet ik praktisch doen als schoolbestuur?

De VO-raad heeft alle salariskantoren geïnformeerd over de aanbeveling. De salariskantoren zullen de salarisverhoging per juni 2018 toepassen, tenzij een schoolbestuur daartegen uitdrukkelijk bezwaar maakt. U hoeft zelf dus niets te doen om de loonsverhoging door te voeren. De salariskantoren zullen u hierover ook afzonderlijk nog informeren.

Zijn de middelen om de 2,35% uit te betalen al definitief beschikbaar?

De VO-raad verwacht dat cijfers voor de arbeidsvoorwaardenontwikkeling vanuit de referentiesystematiek vóór juni definitief beschikbaar zijn. De effectuering zal vervolgens waarschijnlijk in augustus plaatsvinden. Dat zou betekenen dat de scholen een korte periode moeten voorfinancieren.

Overigens is deze situatie niet anders dan als we alsnog met de bonden tot een akkoord komen of als we al eerder, bijvoorbeeld in februari van dit jaar, al tot afspraken zouden zijn gekomen.

Hoe gaat het nu verder met de cao?

De huidige CAO VO loopt tot oktober 2018. Dat betekent dat de in de cao opgenomen arbeidsvoorwaarden in ieder geval tot die tijd van kracht blijven. Wel dient u er nog altijd rekening mee te houden dat de mogelijkheid om tijdelijke contracten voor onbevoegde docenten te verlengen tot maximaal vier jaar, per 1 oktober 2017 is komen te vervallen (zie artikel 9.a.4. lid 4 en 5 CAO VO). Nu hier nog geen nieuwe afspraken over zijn gemaakt, is de maximale termijn voor de inzet van tijdelijke contracten voor onbevoegde docenten twee jaar. Dit geldt niet voor de contracten die reeds zijn aangegaan vóór 1 oktober 2017 en nog steeds doorlopen. U kunt deze echter niet meer verlengen, zonder dat een vast contract ontstaat. Voor meer informatie hierover kunt u contact opnemen met onze helpdesk, via helpdesk@vo-raad.nl.

De VO-raad vindt het erg belangrijk dat er een nieuwe CAO VO wordt afgesproken die recht doet aan de huidige ontwikkelingen in het onderwijs en de behoeften in de sector. Het is van belang dat er goede afspraken komen over onder andere ontwikkeltijd/werkdruk, taakbeleid, de ketenbepaling voor onbevoegden en de salarispositie van teamleiders. We zullen de bonden dan ook blijven aansporen om weer aan de onderhandelingstafel plaats te nemen.

Lopen de werkgevers risico op dubbel betalen: nu en als er alsnog een nieuwe cao komt?

De onderhandelingen over een nieuwe cao gaan niet alleen over salaris. Ook over ontwikkeltijd/werkdrukverlaging en andere onderwerpen zoals taakbeleid, de ketenbepaling voor onbevoegden en de salarispositie van teamleiders. Als de onderhandelingen weer op gang komen, liggen deze onderwerpen weer op tafel. De al uitgegeven salarisverhoging wordt daarbij uiteraard ook meegenomen. Waarbij het met de leden afgesproken uitgangspunt dat ‘niet meer wordt uitgegeven dan beschikbaar is’ onverminderd overeind blijft.

Mocht u nog verdere vragen hebben naar aanleiding van de aanbeveling van de VO-raad, dan kunt u contact opnemen met onze helpdesk: helpdesk@vo-raad.nl