ALV: Leden VO-raad stellen speerpunten voor passend onderwijs vast

28 november 2019

Tijdens de ALV tweedaagse van 27 en 28 november jl. hebben de leden van de VO-raad ingestemd met de ‘inbreng voor de evaluatie van passend onderwijs in 2020’. In deze inbreng – die de VO-raad en PO-Raad gezamenlijk hebben opgesteld op basis van gesprekken binnen en buiten de sector – geven de sectorraden aan dat passend onderwijs doorontwikkeld moet worden. Daarbij wordt ook aangegeven wat al goed gaat, wat nog verbeterd kan worden en waar wet- en regelgeving aangepast zou moeten worden.

Met deze inbreng maken de sectorraden de balans op aan de vooravond van de evaluatie van passend onderwijs door het ministerie van OCW in de eerste helft van 2020. Ook schetsen ze de ambities waar het primair en voortgezet onderwijs naartoe willen werken op het vlak van passend onderwijs en - op de langere termijn - inclusief onderwijs.

Speerpunten

Uitgangspunt van de inbreng is dat wordt ingezet op doorontwikkeling. In zeven speerpunten geven de sectorraden aan waar zij willen staan op het vlak van passend onderwijs en welke verbeteringen hiervoor nog nodig zijn.

  1. Geen grote wijzigingen in de organisatie van passend onderwijs en samenwerkingsverbanden. Passend onderwijs moet doorontwikkeld worden binnen de bestaande structuren. De scholen en schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van passend onderwijs en het bieden van maatwerk. Er moet meer aandacht zijn voor de toerusting en ondersteuning van (zittende én toekomstige) leraren.
  2. Intensieve samenwerking tussen alle relevante partijen in en rondom het onderwijs. De samenwerking tussen jeugdhulpverleners en leraren moet naadloos verlopen. Schoolbesturen blijven verantwoordelijk, maar passend onderwijs kan niet slagen zonder de bijdrage van anderen, ieder vanuit zijn eigen rol.
  3. Betrokkenheid en zeggenschap van ouders en leerlingen. Een belangrijke voorwaarde om tot een passend aanbod voor leerlingen te kunnen komen, is de betrokkenheid en participatie van ouders en leerlingen.
  4. Thuiszitters. Scholen en schoolbesturen realiseren de zorgplicht en er is meer maatwerk om thuiszitten te voorkomen. Elk samenwerkingsverband maakt afspraken over doorzettingsmacht om ‘thuiszitten’ te voorkomen. Meer aandacht voor preventie en vroegsignalering onder het motto ‘ziekmelden is het nieuwe thuiszitten’.
  5. Verantwoording transparantie en toezicht. Samenwerkingsverbanden worden sober en doelmatig georganiseerd en houden een passende financiële reserve aan. Ze werken aan beleidsrijk begroten en aan een heldere, transparante verantwoording. Het interne toezicht van samenwerkingsverbanden bestaat uit minimaal één onafhankelijk lid.
  6. Inclusief onderwijs. Inclusief onderwijs betekent dat leerlingen op de meest passende plek onderwijs behoren te krijgen. Er moet altijd een mogelijkheid blijven om gebruik te maken van specialistische vormen van onderwijs. Er worden een aantal stappen genomen om inclusief onderwijs te realiseren zoals meer maatwerk, een warme overdracht en het wegnemen van schotten.
  7. Basisondersteuning. Het referentiekader van de sectorraden op passend onderwijs biedt voldoende garantie voor de basiskwaliteit van het onderwijs.

Stip op de horizon

Ook op de lange termijn worden daarnaast doelen geschetst. Stip op de horizon is dat kinderen altijd de voor hen beste vorm van onderwijs en zorg aangeboden krijgen binnen de school, passend bij hun ondersteuningsbehoefte en ontwikkeling. Het belang van het kind moet voorop staan; er moet gekeken worden naar waar het kind het meest bij gebaat is: regulier onderwijs - eventueel met extra begeleiding - of toch onderwijs op een gespecialiseerde school, zonder dat daarbij bekostiging en andere randvoorwaarden een rol spelen. Om kinderen dit te kunnen bieden willen de sectorrraden ook komen tot één nieuwe wet funderend onderwijs voor kinderopvang, (speciaal) basisonderwijs, (voortgezet) speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs.

Evaluatie

In 2020 wordt het stelsel van passend onderwijs in opdracht van het ministerie van OCW formeel geëvalueerd. Deze evaluatie vindt plaats op basis van de uitkomsten van de evaluatieonderzoeken van het NRO, een advies van de Onderwijsraad, de Staat van het Onderwijs 2020 én een veldraadpleging. In mei 2020 stuurt minister Slob een brief aan de Tweede Kamer over de uitkomsten van de evaluatie. Op basis daarvan zal de Tweede Kamer in juni 2020 debatteren over de toekomst van passend onderwijs. De sectorraden gaan de komende maanden in gesprek met het ministerie van OCW en Tweede Kamerleden over hun inbreng op de evaluatie van passend onderwijs.

Het Steunpunt Passend Onderwijs biedt scholen en samenwerkingsverbanden ondersteuning bij het uitvoering geven aan en doorontwikkelen van passend onderwijs. Op de website van het steunpunt vindt u onder meer informatie en handreikingen, de contactgegevens van de telefonische helpdesk en een overzicht van de verschillende activiteiten die worden georganiseerd.