Tussenmeting monitor LOB: systematische evaluatie blijft een aandachtspunt

16 juni 2020

Decanen, schoolleiders en bestuurders in het vo geven loopbaanorientatie en –begeleiding (LOB) op de scholen een ruime voldoende. Het verder ontwikkelen van visie en beleid op het gebied van LOB staat de komende tijd bij veel scholen op de agenda, evenals professionalisering. Dit blijkt uit de ‘Tussenmeting monitor LOB’ van het Expertisepunt LOB VO-MBO, waarin de stand van zaken rond LOB in kaart wordt gebracht. De monitor bevat ook een aantal aandachtspunten om LOB verder te brengen.

In 2018 werden scholen in het voortgezet onderwijs en het mbo voor het eerst gevraagd naar de stand van zaken op het gebied van LOB. Deze startmeting leverde voor het voortgezet onderwijs een (voorzichtig) positief beeld op, dat opnieuw naar voren komt in de meting in 2020. Zo geven bestuurders zonder uitzondering aan dat er aandacht is voor LOB en leggen steeds meer scholen LOB vast in visie en beleid.

Uit de tussenmeting komt ook naar voren dat nog niet alle scholen een sluitende aanpak hanteren; van visie en beleid naar concrete activiteiten en systematische kwaliteitsbewaking. De kwaliteitsagenda LOB VO - in 2018 opgesteld door het LAKS, de NVS-NVL, de VvSL en de VO-raad -  biedt scholen handvatten voor de verankering van de LOB-cyclus.

Aanbevelingen uit de monitor

De onderzoekers concluderen dat er op een aantal punten nog ruimte is voor verbetering, onder meer het zichtbaarder maken van LOB-beleid voor ouders en leerlingen en het creëren van een bredere betrokkenheid binnen de school als het gaat om LOB. Ook een systematische evaluatie-aanpak en het betrekken van leerlingen en ouders hierbij is een aandachtspunt.

Expertisepunt LOB

Samen met het Expertisepunt LOB bekijkt de VO-raad welke ondersteuning scholen de komende tijd geboden kan worden bij het werken aan een sluitende kwaliteitsaanpak en andere aanbevelingen uit de monitor. 

In het schooljaar 2021-2022 wordt nog een eindmeting uitgevoerd, waarbij de ontwikkeling op het vlak van LOB ten opzichte van de startmeting in kaart wordt gebracht.