Page 1 Copy 2 Created with Sketch.
Opleiding & professionalisering leraren
In het voortgezet onderwijs is al geruime tijd sprake van een lerarentekort, met name voor de vakken informatica, scheikunde, natuurkunde, Duits, klassieke talen, Frans en wiskunde. De komende jaren gaan veel zittende leraren met pensioen en is de instroom in de lerarenopleidingen naar verwachting niet voldoende om deze vacatures op te vullen, waardoor het tekort waarschijnlijk nog verder zal toenemen.

Volgens de laatste arbeidsmarktramingen loopt het lerarentekort voor het vo in het schooljaar 2023-2024 op tot 1075 fte. Verwacht wordt dat het tekort daarna verder stijgt tot ruim 1600 fte in 2028.

Zie voor de regionale cijfers de regionale arbeidsmarktramingen die in opdracht van het ministerie van OCW zijn opgesteld door CentERdata. 

Voldoende goede leraren cruciaal voor sector

Door het lerarentekort hebben veel scholen moeite om bepaalde vacatures vervuld te krijgen, waardoor ze soms gedwongen worden om klassen te vergroten, on(der)bevoegde leraren voor de klas te zetten of andere noodgrepen toe te passen. Dit komt de kwaliteit van het onderwijs niet altijd ten goede. Voor de continuïteit en kwaliteit van het vo is het cruciaal dat scholen blijvend kunnen beschikken over voldoende goede, bevoegde leraren.

Het lerarentekort is daarom een belangrijk aandachtspunt binnen de sector, politiek en samenleving. De afgelopen jaren zijn diverse maatregelen in gang gezet om meer talentvolle mensen enthousiast te maken voor het leraarsvak en om leraren voor het onderwijs te behouden, onder meer in het kader van het 'plan van aanpak lerarentekort' van OCW.

In mei 2018 concludeerde de Onderwijsraad echter dat de tot dan toe genomen maatregelen onvoldoende effect hadden. In een eerste kabinetsreactie hierop werden weinig extra maatregelen aangekondigd en ging het bij de voorgestelde plannen vooral om ‘pleisters plakken’ (bijvoorbeeld voorstel voor verhoging deeltijdfactor). Eind 2018 veranderde het kabinet echter van koers, na kritische reacties van onder meer de VO-raad. De VO-raad pleit - mede op basis van een uitspraak van zijn ALV - voor meer structurele maatregelen, gericht op onder meer het versterken van de opleiding en begeleiding van leraren, het creëren van alternatieve en flexibele leerroutes naar het leraarschap, meer ontwikkel- en carrièremogelijkheden en professionele ruimte voor zittende leraren en het aanboren van nieuwe doelgroepen.

In lijn hiermee kondigden de bewindspersonen in een brief begin 2019 een aantal maatregelen aan. De belangrijkste op landelijk niveau:

  • werken aan de uitwerking van een vernieuwd bevoegdhedenstelsel vo;
  • samen opleiden en professionaliseren (samenwerking scholen en lerarenopleidingen) wordt verheven tot norm bij het opleiden van leraren;
  • inzetten op het versterken van strategisch personeelsbeleid, als belangrijke verantwoordelijkheid van scholen;
  • verhoging van het budget subsidieregeling zij-instroom in 2018 en 2019 met steeds 4 miljoen.
  • verkennen van een aantal denkrichtingen rond een ‘eigentijdse kijk op leraarschap’, zoals verwoord in het rapport ‘Ruim baan voor de leraar’ van de Onderwijsraad.

Daarnaast maakten de bewindslieden bekend extra budget vrij te maken waarmee scholen samen met partners in de regio zelf aan de slag kunnen om het lerarentekort terug te dringen.

Zie ook de pagina praktijk en ondersteuning voor een overzicht van wat scholen zelf kunnen doen om het lerarentekort terug te dringen en de beschikbare ondersteuning hierbij. 

Op landelijk niveau is een overlegtafel opgericht, bestaande uit vertegenwoordigers van de schoolbesturen, lerarenopleidingen en het onderwijspersoneel en minister Slob. Doel van deze tafel is om te kijken waar nog knelpunten liggen (in de regio) als het gaat om het aanpakken van het lerarentekort en deze op landelijk niveau weg te nemen.